Amerikaanse vogelkers, smaakverbeteraar voor brandewijn en rum
De Amerikaanse vogelkers of bospest (Prunus serotina) is een struik tot kleine boom van 20 meter hoog. Vanaf de jaren twintig van de twintigste eeuw als vulhout in de bossen aangeplant.
Deze zeer snelle groeier nam omringende bomen mee in de strijd om het licht, waardoor zij ook sneller en vooral rechter gingen groeien. Daar gaat het nog steeds om, immers 'boompje groot plantertje dood', alle reden om dat voor te willen zijn.
Bloei
De Amerikaanse vogelkers bloeit met witte bloemen aan trossen, van eind mei tot en met juni. Bijen, zweefvliegen en vlinders bezoeken haar graag. Al van verre ruik je in het bos dat de Amerikaanse vogelkers in bloei staat. Zelf geniet ik als boswachter enorm van haar zoetige geur.
Nadeel
Het grote nadeel is dat de Amerikaanse vogelkers heel veel bessen draagt en vogels zijn daar gek op. Vandaar de naam “vogelkers” Dit is niet het echte nadeel natuurlijk, maar de pitten poepen ze overal uit en die zijn ongelooflijk kiemkrachtig. Kortom overal waar je ze niet hebben wil, komen ze ook. Dat geeft haar de bijnaam bospest. Die sterke kiemkracht waardoor ze overal komt ook waar je ze niet hebben wil is in haar nadeel. Bosbeheerders gruwen van deze soort omdat ze al het andere bos kan verdringen.
Gebruik door u als bezoeker van het herfstbos
- De kleine bessen of kersen zijn goed eetbaar wanneer ze goed rijp zijn; dan is de kleur zeer donkerrood tot bijna zwart.
- Ik neem ze vaak als ik dorst heb, top dorstlessers, talrijk, gratis en voor niets. Hoe kan een Amerikaanse vogelkers nog Hollandser worden? #gratisdorstlesser
- Maak er eens jam van, dat gaat uitstekend.
- Maak je zelf wel eens rum of brandewijn, dan mag deze bes of kers niet ontbreken.
- De pitten gooien we weg, net als van gewone kersen. Die zijn zelfs giftig. Uitspugen mag dus weer en is goed voor je gezondheid.
- Wilt u hierop reageren? Log dan eerst in of maak een Natuurmonumenten account aan.


