Bijzonder bezoek in Noordal

Het Noordal op de grens met Belgie
Fotograaf: M. van Lokven
Bron: Natuurmonumenten

Bijna niets blijft tegenwoordig meer geheim. Bijna niets. Want het blijkt dat wij in april 2010 een heel speciale gast in de Noorbeemden hadden.

In het Noordal werd de zeldzame zandbij Andrena fulvata al zonnebadend aangetroffen op een essenstam. Het mannetje loerde er naar andere langsvliegende bijen.   

Kleine zandbij

De Andrena fulvata is een kleine zandbij (9 - 12 mm) dat sterk lijkt op de in ons land vrij algemene geriemde zandbij (Andrena angustior). Het verschil zit hem in de doffe brede achterranden van de rugplaten; bij de geriemde zandbij zijn die opvallend glad en glimmend, vandaar de Nederlandse naam. De mannetjes van beide soorten hebben opvallend lange kaken.

Kleine zandbij
Fotograaf: Tim Faasen
Bron: Natuurmonumenten

Gast uit Midden-Europa

Het verspreidingsgebied van de kleine zandbij ligt vooral in Midden-Europa, naar het noorden toe worden waarnemingen snel zeldzamer. Zo zijn er in Luxemburg en de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen nog enkele waarnemingen, vooral in de Eifel en het Süderbergland. In de deelstaat staat de kleine zandbij niet voor niets als ‘Extrem Selten’ op de Rode Lijst.

Geen moeilijke eter

In Midden-Europa wordt deze bijensoort vooral talrijk aangetroffen in open bossen en langs structuurrijke bosranden. De bijen vermijden ietwat vochtige beekgeleidende bossen, zoals in het Noordal zeker niet. Qua voedsel is hij ook niet kieskeurig, allerlei plantensoorten voldoen voor deze kleine bij: pinksterbloem, scherpe boterbloem, paardenbloem, meidoorn, grootbloemige muur en zelfs berk.

Op wildebijen.nl vind je nog veel meer informatie over de bijensoorten die in Nederland voorkomen.