Dilemma vos en natuur

vosgerritrekers.jpg
Fotograaf: Gerrit Rekers

Afgelopen zondag werd de een gouden kalf bekroonde documentaire ‘Rotvos’ op televisie uitgezonden. Het is een indrukwekkende film over de dilemma’s rond de vos. Hoe ziet Natuurmonumenten de vos?

 

Prachtig dier

Natuurmonumenten beschouwt de vos als een prachtig dier, dat thuishoort in de Nederlandse natuur en een nuttige rol vervult. Als roofdier plaatst hij natuurbeschermers zo nu en dan echter voor een dilemma. Want wat doe je als een vos zich vestigt in een gebied waar een kolonie purperreigers broedt of waar zich de laatste korhoenders van ons land bevinden? Grijp je in of laat je zeldzame soorten verdwijnen?
 

Niet ingrijpen, tenzij

Natuurmonumenten is uiterst terughoudend bij het nemen van maatregelen om de ene soort te bevoordelen ten opzichte van de andere. Het uitgangspunt is dan ook: niet ingrijpen, tenzij hele bijzondere diersoorten verdwijnen. Als een vos een bedreiging vormt voor een levensvatbare populatie van een bedreigde soort als de grutto in een gebied, wordt eerst gekeken of het mogelijk is om de vos te weren. Een voorbeeld daarvan is het verwijderen van struiken in een weidevogelgebied.
 

Pas als het weren van vossen niet lukt, wordt ertoe overgegaan om de vos te doden. Dat gebeurt door middel van afschot. Als er geen bedreigde soorten in het spel zijn of als er maatregelen kunnen worden genomen om vossen te weren, staat Natuurmonumenten het doden van vossen niet toe. Slechts in 21 van de 350 natuurgebieden van Natuurmonumenten worden maatregelen tegen vossen genomen. Dit beleid is afgestemd met en goedgekeurd door de Verenigingsraad van Natuurmonumenten, waarin onze 830.000 leden vertegenwoordigd zijn.
 

Zwarte piet

De vos wordt in sommige kringen sinds jaar en dag als een schadelijke soort gezien. Die bedenkelijke reputatie vindt Natuurmonumenten niet terecht. Het vergt weliswaar enige inspanning, maar het is mogelijk om vossen te weren bij kleinvee. En het verdwijnen van de grutto ligt niet in de eerste plaats aan de vos, maar vooral aan de intensieve manier waarop tegenwoordig landbouw wordt bedreven. Uit onderzoek bleek enkele jaren geleden dat de vos slechts voor een klein deel verantwoordelijk is voor de achteruitgang van weidevogels. Kraaien, reigers en huiskatten blijken namelijk ook wel van een kievitseitje of gruttokuiken te houden. Ondanks de uitkomst van dit onderzoek verleende het ministerie van LNV destijds onder druk van een meerderheid in de Tweede Kamer een landelijke vrijstelling voor het doden van vossen. Daar is Natuurmonumenten het niet mee eens. In bepaalde gebieden zijn vossen schadelijk, maar daarbuiten helemaal niet. De vos krijgt ten onrechte de zwarte piet toegespeeld. 
  
De film werd zondag 19 september door de NCRV op Nederland 2 om 20.20 uur uitgezonden. Uitzending gemist?
 

Debat op 28 september in de Rode Hoed

Op dinsdag 28 september wordt er naar aanleiding van deze documentaire in de Rode Hoed gedebatteerd over het harmonieus samengaan van natuur en landbouw. Blijven we zo doorgaan of moet het huidige beleid op de schop?

Organisatie: NCRV in samenwerking met de Rode Hoed. Aanvang 20.00 uur. Kaarten: €10,-. Online via www.rodehoed.nl en aan de kassa.

Ik heb de uitzending gezien gisteren en ik heb er een vervelend gevoel aan over gehouden.
Waarom moeten mensen iedere keer weer ingrijpen in de natuur ? Er wordt beslist dat een bepaald gebied een weidevogelgebied wordt en daar mag geen vos komen.
Dat is toch te gek voor woorden ! Natuurlijk komt de vos daarop af, waar veel te eten is daar komen ook steeds meer vossen op af.
Laat de natuur toch eens echt de natuur zijn, de mens heeft al genoeg verziekt !
De natuur zorgt vanzelf voor vermindering van de vos in mindere tijden, weinig eten, weinig vossen.
Wat als er in jullie ogen er straks teveel weidevogels zijn, gaan jullie dan de vos weer inzetten om er een "natuurlijk" evenwicht van te maken ?
Hou je bezig met andere taken zoals landschapbescherming en aankoop maar laat de natuur de natuur eens zijn een keer zonder ingrijpen van de mens !

Waarom moet er toch telkens op vossen geschoten worden! Op veel te veel plekken wordt dit gedaan. Het slaat echt nergens op.

Overigens waren die moerassen in de film 'Rotvos' kurkdroog! Op geen enkel moment hoorde je de laarzen soppen. Het was gewoon vochtig landriet! Die onnatuurlijke Hollandse moerassen kennen tegenwoordig geen enkel moment meer dat ze helemaal onder water staan. Vochtig in plaats van kletsnat. Geen wonder dat vossen en andere landrotten zich daar lekker voelen en dat Noordse Woelmuizen gillend achteruit gaan. Ganzen en hazen zat en af en toe een lekker steltlopertje. En dan al die bezoeken aan weidevogelnesten. Elke predator weet dat paden interessant zijn om eens af te lopen. Ook zonder vossen gaan de weidevogels achteruit in dit drooggelegde land.

Na een analyse van het faunabeheer op de Veluwe, in het Kroondomein en in de Oostvaardersplassen kwam ik tot schrikbarende conclusies inzake het traditionele faunabeheer. Het leven van edelherten in die gebieden maakt dat mogelijk. Het afschot in het Kroondomein is meer dan het dubbele van de sterfte in de Oostvaardersplassen. Op de Veluwe ligt dat nog hoger.

Leidend voor het afschot is de jaarlijks aanwas. In de Oostvaardersplassen ligt die op 0,6 kalf per hinde (vruchtbaar vrouwelijk dier) of te wel een aanwas van 21%. In het Kroondomein 50% of te wel gemiddeld zo'n één kalf per hinde. Op de Veluwe met een aanwas van 60% in 2008 zo rond de 1,1 kalf per hinde. Er zijn vaak tweeling-kalfjes te zien. De damherten op de Veluwe 'scoren' gemiddeld 1,5 kalf per hinde. Maar die worden in het Kroondomein met hun aanwas afgeschoten, ook nu een beperkt aantal rasters is verwijderd en damherten en moeflons het Kroondomein intrekken.

Bij de wilde zwijnen is de situatie nog ernstiger. In het Kroondomein 'rekent' het beleid op een jaarlijkse aanwas van 100% of te wel gemiddeld 3,5 big per zeug. Op de Veluwe bedroeg de aanwas 2008/09 175% of te wel een gemiddelde aanwas van 5 à 6 biggen per zeug gemiddeld. Als het aantal wilde zwijnen overeenkomt met de levensmogelijkheden kan dit gemiddelde teruglopen tot zo'n 1,5 big per zeug of een aanwas van 35%. Dat toonde een proef in de boswachterijen Hoog Soeren en Ugghelen aan in de jaren '90.

Duidelijk is dat de omvang van de aanwas de kwaliteit van het faunabeheer. Met de aanwas vermindert ook het aantal jaarlijks te doden dieren.

Op grond van de berekeningen zijn normen als hieronder denkbaar:

Edelhert:
VERANTWOORD < 36%, ZORGELIJK 36 - 42% en ONTOELAATBAAR > 42%.

Wild zwijn:
VERANTWOORD < 55%, ZORGELIJK 55 - 110% en ONTOELAATBAAR > 110%.

Voor reeën zullen de normen hier tussen liggen. Daarbij zijn tweeling-kalfjes gebruikelijker en zijn zelfs drielingen mogelijk.

Vooral binnen de EHS is een ecologisch faunabeheer nodig. Daarin vervult de Veluwe immers een rol als een 'draaischijf'.

Binnen leefgebieden zal men de jaarlijks aanwas zo beperkt mogelijk moeten houden met een voldoende aantal dieren in verhouding tot de levensmogelijkheden. Daarbuiten zal men de voedingsmogelijkheden moet afschermen voor de dieren die schade en/of gevaar vormen.