Wat moet beter geregeld worden in Europa?

Natuurmonumenten maakt zich grote zorgen over de achteruitgang van de biodiversiteit. Steeds meer soorten zoogdieren, vogels, insecten en planten sterven uit. Dit gebeurt niet alleen in Nederland, maar ook in Europa en de rest van de wereld. Natuurmonumenten wil dat het verlies aan biodiversiteit stopt. In 2001 is door de Europese Unie afgesproken dat het grote uitsterven in 2010 gestopt zou zijn. Dit is voor een deel van de beschermde soorten gelukt. Om dit doel te bereiken heeft de Europese Unie het ambitieuze actieplan Countdown 2010 opgesteld.

Van Nature:
Barosso wil Natura 2000 onverkort uitvoeren oktober 2009 (PDF).
Brussel: veel meer inzet nodig voor Countdown 2010, januari 2009 (PDF)


Volgens Natuurmonumenten draait het op een mislukking uit omdat het Europese natuur- en milieubeleid niet voldoende is geïntegreerd met andere beleidssectoren zoals landbouw. Het Europese beleid mist daardoor voldoende slagkracht.

Meer samenhang

Natuur wordt negatief of positief beïnvloed door tal van omgevingsfactoren. Daarom pleit Natuurmonumenten voor meer samenhang tussen Natura 2000, het gemeenschappelijke landbouwbeleid (GLB) , klimaatbeleid en water. Alleen dan is sprake van een alles overkoepelende visie en kunnen betere resultaten worden geboekt. Zo is de financiering van natuurbeleid op dit moment te vrijblijvend. Europa zegt dat de bescherming van natuurgebieden en plant- en diersoorten geïntegreerd moet zijn in andere sectoren. Zo zou geld voor natuurbescherming deels afkomstig moeten zijn uit het Europese landbouwbudget. Dat is geen vreemde gedachte, maar het gebeurt alleen niet. Europa biedt individuele lidstaten een zekere vrijheid om de beschikbare budgetten zelfstandig te verdelen. In Nederland is het Europese landbouwpotje vrijwel volledig beschikbaar voor productie voor landbouwgoederen. Dat kan ook anders. Oostenrijk bedient de biodiversiteit wel degelijk met landbouwgeld. Nederland besteedt het geld op zo’n manier dat de biodiversiteit wordt geschaad. Natuurmonumenten was zeer geschokt toen uit onderzoek bleek dat er subsidies gebruikt worden om schade aan de natuur te herstellen die door een ander subsidie veroorzaakt is. Europa moet richtinggevender optreden, anders komt het niet goed. 

Van Nature:
Landbouwsubsidies EU belonen aantasting natuur en milieu, februari 2009

Natuur economisch beter waarderen

Geldgebrek maakt het moeilijk natuurdoelen te bereiken en om klimaat- en milieuproblemen te bestrijden. Als de economische groei tegenvalt, is er al snel minder geld beschikbaar voor natuur en milieu. Natuurmonumenten vindt dit een gevaarlijke ontwikkeling. Het is tot nu toe lastig geweest het belang van natuur economisch te waarderen. Bezuinigingen op natuur lijken daardoor makkelijker te rechtvaardigen. Natuurmonumenten werkt met andere organisaties aan een systeem dat de natuur wèl waardeert in economische zin. Zo wordt het bij begrotingsonderhandelingen minder eenvoudig te beknibbelen op natuur en milieu. 
De natuur heeft wel degelijk waarde. Zij staat bol van de diensten, ook die met een economische functie.‘Ecosysteemdiensten’ zijn bijvoorbeeld waterzuivering in de duinen, de bescherming tegen overstromingen door waterbergingsgebieden, natuur als ‘grondstof’ voor recreatie en de vrijetijdsindustrie, en de belangrijke rol die de natuur speelt in de gezondheid en het welzijn van mensen. Als we deze diensten economisch waarderen, kan het belang van natuurbescherming en natuurbehoud beter uitgedrukt worden. Natuurmonumenten is druk met het ontwikkelen van initiatieven op het gebied van ecosysteemdiensten, zoals Booming Business en Het rapport geld als water, over Europese richtlijnen, water en regionale economie door Tom Bade en Olivier van der Schroeff.

Op Europees niveau houdt zich een commissie bezig met de economische waarde van natuur.
Meer hierover:
het rapport The Economic of Ecosystems end Diversity (TEEB).