Eerste kwaliteitstoets van Rosalie Martens
Doen we met ons beheer de juiste dingen en krijgen we daarmee de natuur die we willen? Dat is een vraag die wij onszelf regelmatig stellen en waarvoor we binnen Natuurmonumenten het instrument 'kwaliteitstoets' gebruiken.
Het opstellen van zo’n kwaliteitstoets valt onder het takenpakket van Rosalie Martens, sinds februari 2010 coördinator ecologie binnen ons team. Omdat het natuurgebied De Wieden met 6.300 hectare heel groot is, toetsen we niet steeds het hele gebied, maar nemen we elk jaar een bepaald natuurtype, zoals de hooilanden, de rietlanden, de weidevogelgraslanden etc.
En eens in de zes jaar toetsen we de samenhang tussen al deze beheertypen. Om te toetsen hebben we uiteraard een ijkpunt nodig. Dat is de in 2000 opgestelde natuurvisie voor De Wieden: 'De Groene Groeibriljant'.
Best tevreden
In 2011 stond de toets van de samenhang op de agenda, en die toets hebben we afgelopen donderdag vastgesteld. Een mijlpaal voor Rosalie, die daarmee haar eerste kwaliteitstoets afrondde. Al met al kunnen we best tevreden zijn, zo is de strekking van haar rapport.
Met diverse natuurtypen en de bijbehorende soorten gaat het goed. Zo is de oppervlakte hooilanden fors toegenomen. Het oppervlakte trilveen is niet gehalveerd – waar we van uitgingen – maar zelfs een beetje toegenomen. We hebben diverse herstelprojecten uitgevoerd, waarmee we de verlanding van open water naar riet en bos een stap terugzetten. Zo zijn honderden hectares verruigd rietland geschraapt. We verwachten dat deze zich ontwikkelen tot waardevolle rietlanden, met betekenis voor rietsnijder en natuur. Daarnaast hebben we nieuwe petgaten gemaakt.
Het gaat goed met diverse soorten, zoals de groenknolorchis en het geel schorpioenmos, de lepelaar, purperreiger en zwarte stern. Ook is het water een stuk schoner geworden, en dat zien we terug in rijke watervegetaties.
Toch ook nog zorgen
Het algemene beeld is zeker positief, maar we hebben ook nog zorgen. Met name de kwaliteit van blauwgraslanden staat erg onder druk, omdat de milieubelasting van water en lucht nog niet genoeg is teruggedrongen. Dat is jammer, omdat juist onze hooilanden internationaal zo belangrijk zijn.
Ook met de weidevogels gaat het minder goed en de bijzondere flora van trilvenen en hooilanden staat onder druk. We denken dat een flexibeler peilbeheer veel kan verbeteren, maar hier moet eerst degelijk onderzoek naar worden gedaan omdat de inlaat van vervuild water ook schade kan aanrichten. Samen met het waterschap loopt hier onderzoek naar, maar dat heeft nog wel een paar jaar nodig.
Verder lopen we met het maken van nieuwe petgaten behoorlijk achter op de Natuurvisie. Dat komt omdat we hier geen structureel budget voor hebben. Kortom, voor de komende jaren nog genoeg werk aan de winkel voor ons hele team!
- Wilt u hierop reageren? Log dan eerst in of maak een Natuurmonumenten account aan.

