Extreem hoogwater opnieuw dieptepunt voor broedende wadvogels

Kwelder onder water Griend 19 juni 2011
Bron: Natuurmonumenten

Afgelopen weekeinde spoelde het extreem hoge water veel van de buitendijkse vogelnesten weg op de Waddeneilanden. Het was de derde vloedgolf in de kwetsbare periode van dit broedseizoen.

Het broedseizoen van 2011 gaat nu al de boeken in als die met de hoogste waterstanden van deze eeuw. Natuurmonumenten ziet de binnendijkse broedgebieden als een uitkomst.

Veilig binnendijks broeden

‘Het is een flinke klap voor deze kwetsbare groep vogels,’ aldus boswachter Erik Jansen van Natuurmonumenten. ‘Het bewijst tegelijkertijd het nut van binnendijkse natuur, waar vogels beschermd zijn tegen de vloed.’ Op Texel en langs de Friese en Groninger kust richt Natuurmonumenten achter de dijk natte laagtes in. Hier broeden met succes duizenden bijzonder wadvogels.

Verdwenen nesten

Door de vloed verdwenen op de buitendijkse Schorren bij Texel onder meer 20 nesten van lepelaars, 250 van zilvermeeuwen en 30 van scholeksters. Zeldzame vogelsoorten zoals 10 paar dwergsterns, 5 paar Noordse sterns en een paar bruine kiekendief zijn ook hun eieren en jongen kwijt. Vijftien jonge lepelaars zagen kans het smalle strookje grond langs de dijk te bereiken en overleefden de vloed.

Onbewoond eiland
Ei grote stern
Bron: Natuurmonumenten

Op Griend hadden de nesten van de lepelaars met hangen en wurgen de vorige springvloed, op 24 mei, overleefd. Nu kwam het water te hoog. Slechts een van de minstens zes broedparen zit weer op het nest. De rest heeft het broedgebied geheel verlaten. Het eerste nest zou over drie dagen uitkomen.

Onrust op kwelder

De boswachters van Natuurmonumenten hebben de kwelder van Schiermonnikoog nog niet bezocht, maar vrezen voor veel nesten. ‘Het hoge water leidde tot veel onrust op de kwelders, dus we laten die nu even met rust’. Jansen vreest voor de nesten van de 200 lepelaars en van een kolonie visdieven en kokmeeuwen. ‘Deze kolonie was na de vorige storm opnieuw gaan broeden en is voor de tweede keer verwoest.’

 

 

de oplossing lijkt om de buitendijkse gebieden toch maar te gaan inpolderen, een trendbreuk in het hedendaagse ontpolderen kies je voor conserveren of voor dynamiek?
Voor beide. Buitendijkse gebieden moeten juist de kans krijgen om door overstroming op te hogen, om zo de zeespiegelstijging bij te kunnen benen. Bij elke hoge vloed wordt een beetje klei achter gelaten. Die dynamiek is natuurlijk en het verdwijnen van nesten hoort bij het risico van de wadvogels. Voor de individuele vogel is het heel vervelend. Als de vogel in grote aantallen voorkomt, bedreigt het niet het voortbestaan van de soort. Helaas is het zo dat de leefgebieden van soorten zoals kluut, dwergstern en grote stern zeldzaam geworden zijn. Een van de oorzaken is het verdwijnen van geschikt leefgebied door bedijking van het grootste deel van de kustlijn. Het helpt deze vogelsoorten om naast de kwelders veilig broedgebied binnendijks aan te bieden. Ga maar eens kijken in het Hegewiersterfjild (onder Harlingen), bij de Ruidhorn (boven Uithuizen) of bij het nieuwe Utopia (Texel): het werkt uitstekend. Direct in het eerste broedseizoen nemen vogels dit soort gebieden in gebruik. Bijkomend voordeel is dat je van korte afstand de vogels kunt bekijken. Een verrekijker volstaat.
Wanneer is er voor het laatst ingepolderd? er wordt toch alleen nog maar ontpolderd? Ondertussen gaat het helemaal niet slecht met de vogels, dat wordt ons maar aangepraat. Al die dure plannen zijn nergens voor nodig. Overigens behoor ik niet tot de vogel-paperazzi die met enorme kijkers de vogels staan te begluren in hun intieme momenten. Wat gij niet wilt dat u geschiedt.................................