Gooilust

Op weg
De bomenroute begint bij het informatiebord van de buitenplaats Gooilust (Zuidereinde 49) in ’s-Graveland en is aangegeven met bruine pijltjes.
Meer dan 100 soorten bomen
Gooilust is beroemd vanwege de indrukwekkende verzameling exotische bomen en struiken. De kenner kan hier meer dan honderd verschillende soorten aantreffen. De ‘gewone’ inheemse bomen mogen er trouwens ook zijn. Dertig meter hoogte is hier voor een beuk heel gewoon (1).
Apenverdriet en zakdoekjes
U volgt de bruine pijltjes totdat u het water over bent. Daar staat aangegeven hoe u een zij-uitstapje kunt maken naar de bijzondere siertuin (2). Na een eventueel bezoek aan de siertuin terugkeren naar deze brug, want vanaf dit punt gaat de bomenroute verder. Het vervolg (aangegeven met bruin paaltje) voert door het gazon naast het herenhuis.
Hier heeft u veel bijzondere bomen bij elkaar. Wanneer u, met de rug naar de oranjerie, tegen de zijkant van de villa aankijkt, valt de vreemde apenboom (3) direct op. Hij heeft donkergroene, stekelige takken die overal even dik zijn; hij komt oorspronkelijk uit Zuid-Amerika. Links van de apenboom (ook wel apenverdriet genoemd) staat met de gevorkte stam een vaantjes- of zakdoekjesboom (4) die er in de bloeitijd, dankzij zijn witte schutbladeren, uitziet alsof hij is volgehangen met zakdoeken. Links achter de vaantjesboom staat de hoge kaukasusspar (5) met zijn extreem korte naalden. Nietig vergeleken bij de lange naalden van de parasolden (6) die, met zijn roestkleurige, V-vormige stam, rechts achter de vaantjesboom staat. Uiterst rechts staat een loofboom die zijn bladeren ’s winters niet verliest: de wintergroene eik (7). Ver naar links staat dichter bij het pad een boom (8) met hartvormige bladeren en een dikke bos takken die aan de voet van de stam uit de grond lijkt te komen: een Hollandse linde.
Bomen in en om de wei
U vervolgt de bruine route bij het eerste pad rechtsaf richting oranjerie. Aan het gebouw is niet te zien dat het een oranjerie was. Het is nu een woonhuis. Voor oranjerie linksaf. Daarna eerste pad rechtsaf en om weiland heenlopen. Op deze weide hield de vroegere eigenaar Frans Blaauw zijn bizons. Toen de Gooise tram in 1923 werd opgeheven, kocht hij de rails op en liet ze verzagen tot palen om een stevige omheining te hebben. In de hoek van de wei staat een groepje varenbeuken (9) met bladeren als kleine varens. Voorbij de bocht staat een groep rode esdoorns (10) in de wei. Links van het pad staan een paar tulpenbomen (11). Door de vorst hebben ze zwarte scheuren in hun bast gekregen.
Geheim wapen
Voorbij het weiland neemt u het tweede pad links. Het beukenbos waar u nu doorheen loopt (12), heeft bijna geen ondergroei. Beuken hebben een dicht bladerdek zodat bodemplanten geen kans krijgen. Maar het echte geheime wapen van de beuk tegen concurrerende planten zit in de afgevallen bladeren die in de herfst de bodem bedekken. Deze blaadjes bevatten stoffen die zaden van andere planten verhinderen te kiemen. Er is maar één zaadje tegen bestand: het nootje van de beuk zelf.
Afwisselingen
Aan het eind schuin mee naar links afbuigen en dan weer mee naar rechts, tussen de rododendrons door. Dan het eerste pad rechts de heuvel op. Vanaf de heuvel rechtdoor evenwijdig aan speelweide. De rododendronvallei (13) en de speelweide zijn verrassende afwisselingen op het oude loofbos. Deze bewust aangebrachte landschapselementen zijn kenmerkend voor de Engelse landschapsstijl. Hetzelfde geldt voor de kleine berg (14) waar u omheen gaat als u achtereenvolgens het tweede pad linksaf, het eerste pad links en het tweede rechts neemt. Dit pad volgt u, een rondje rechtsom lopend, tot u weer op hetzelfde punt uitkomt.
Hier gaat u terug naar het rechte pad dat u naar links volgt tot T-splitsing. Daar linksaf de hoofdlaan op.
Sterrenbos en dikste bomen
Een deel van het bos is geometrisch aangelegd in de vorm van een ster. In het midden van dit zogeheten sterrenbos is een kleine ronde vijver (15). Daaromheen staan Servische sparren met hun blauwige naalden. De andere coniferen zijn thuja’s ofwel reuzenlevensbomen uit Amerika. De op een na dikste eik van Noord-Holland (bijna zes meter in omtrek) staat links naast het herenhuis dat u opnieuw passeert (16). Hij wordt op 450 jaar geschat. Na de brug staat rechts een rij Amerikaanse moerascipressen (17). Deze naaldbomen laten, evenals onze lariks, hun naalden in de winter vallen. De allerdikste beuk van de provincie tenslotte staat rechts aan de bosrand (18).
Gebiedsinformatie
Frans Blaauw
De buitenplaats Gooilust, vanaf 1625 aangelegd op de grens van het laagveengebied en de hogere zandgronden, draagt het stempel van Frans Blaauw. Hij vestigde hier omstreeks 1900 zijn wereldberoemde dierentuin. Blaauw hield allerlei zoogdieren en vogels, waarmee hij zelfs opzienbarende kweekresultaten boekte. Zonder Blaauw zou de Amerikaanse trompetzwaan zijn uitgestorven. Blaauw was ook verwoed verzamelaar van exotische gewassen en liet deze vanuit alle hoeken van de wereld meenemen door vrienden.
Verschillende stijlen
Oorspronkelijk is deze buitenplaats aangelegd in de Franse barokstijl. Statige bomenlanen en symmetrische patronen (sterrenbos) bepaalden het beeld. Later, vanaf het begin van de negentiende eeuw, raakte de Landschapsstijl in zwang. De strakke statigheid maakte plaats voor slingerende vijvers, glooiende heuvels en boomgroepen op het gazon. Noemenswaardig is hier de ‘aha’ (19). Deze muur fungeert als een soort hek. Aha’s zijn zodanig in het landschap verwerkt dat je er vanuit het huis niets van ziet. Op een onzichtbare manier konden de wilde dieren uit de tuin worden gehouden.
Beheer van Natuurmonumenten
Het beheer in Gooilust is erop gericht oude bomen te laten staan en dood hout te laten liggen. In de vele oude bomen ontstaan holten die geschikt zijn als nest- of slaapplaats voor bosuilen, holenduiven, kauwen, spechten en vleermuizen. Dood hout biedt dieren beschutting en trekt insecten aan, die weer als voedselbron dienen voor vogels. De weiden worden begraasd door runderen. Deze grazen selectief, waardoor er ook plaats blijft voor bloemen.
Hoe te bereiken
Met het openbaar vervoer
U neemt vanaf NS-station Hilversum buslijn 139 tot de halte Smidsbrug. Er gaat ook een treintaxi.
Met eigen vervoer
Gooilust is op twee manieren te bereiken. Vanaf de A1 (Amsterdam-Amersfoort) afslag Blaricum. Bussum volgen en daarna ’s-Graveland. Eenmaal in de bebouwde kom staat het bord Gooilust na ongeveer 5 km links van de weg. De parkeerplaats ligt aan weerszijden van de oprijlaan. Vanaf de A27 (Utrecht-Flevoland) afslag Hilversum- ’s-Graveland volgen. Binnen de bebouwde kom ziet u het bord Gooilust na ruim 1 km rechts bij de inrit.
Colofon
Tekst: Bart Siebelink
Productie Buro Kloeg, Bunnik
Adressen
Bezoekerscentrum ’s-Graveland
Vereniging Natuurmonumenten
Noordereinde 54b
1243 JJ ’s-Graveland
(035) 656 30 80
Voor actuele openingstijden klik hier of bel met ledenservice (035) 655 99 11
Vereniging Natuurmonumenten
Ledenservice (035) 655 99 11
VVV Hilversum
Noordse Bosje 1
1211 BD Hilversum
(035) 621 16 51

