Inlaag 1887
Inlaag 1887 is een strook laag gelegen grasland pal achter de Westerscheldedijk. Uit de inlaag is in de negentiende eeuw klei gewonnen voor de aanleg van een reservedijk. Het uitgediepte gebied ligt beschut tussen de dijken. Bij hoog water is het drassige zilte grasland met zijn sloten en poelen een vluchtoord voor steltlopers als tureluur, bontbekplevier en kluut. In het voorjaar is het een geliefd broedgebied.
Zeekraal
Als de zeekraal in het najaar is uitgebloeid, kleurt de inlaag kastanjerood. Om de specifieke zoutminnende vegetatie te behouden, zorgt Natuurmonumenten voor afgewogen waterbeheer. In de winter is het waterpeil iets hoger dan in de zomer. In het voor- en najaar zie je hier veel trekvogels en ’s winters overtijende steltlopers en eenden. Er is een vogelkijker en een informatiebord. In het voorjaar kunt u ook mee op excursie.
Natuurcompensatie
Bij de aanleg van de Westerscheldetunnel is natuurcompensatie in de Ellewoutsdijkpolder opgenomen. Een driehoek van 35 hectare tussen de tunnelweg en de zeedijk is als nieuwe natuur ingericht: Inlaag 2005. De zeeklei die in deze nieuwe inlaag werd afgegraven is gebruikt voor een geluidswal. Bij de graafwerkzaamheden is een agrarische nederzetting uit de Romeinse tijd blootgelegd.
Op fietsafstand
De nieuwe Inlaag 2005 krijgt een afwisselend zout, brak en zoet karakter. Zulte, aardbeiklaver, kamgras en kattendoorn krijgen zo een kans te groeien. In het grasland zullen weidevogels gaan broeden. Kale grond is geschikt voor kluten, plevieren en visdiefjes. Op het grasland grazen schapen. ’s Winters staat de helft van de inlaag onder water. Het gebied grenst aan Inlaag 1887 en ligt op loop- en fietsafstand van ’t Sloe en Fort Ellewoutsdijk. Vanaf de zeedijk is er prima zicht.
Nieuws uit Inlaag 1887
-
22-02-2011
-
04-10-2010
-
04-05-2010

