Over dit gebied
Geschiedenis Nationaal Park Weerribben-Wieden
Duizenden jaren geleden bestond Nederland grotendeels uit water. De Rijn had een zeer brede delta en zette overal klei af. Tijdens de derde ijstijd, 200.000 jaar geleden, werd een deel van dat materiaal door ijs opgestuwd. Daardoor ontstond een golvend landschap, zoals bij Het Hoge Land van Vollenhove en de heuvels bij Steenwijk.
Veenvorming
Tussen het Hoge Land van Vollenhove en de heuvels bij Steenwijk lag een gebied als een soepbord. Door de keileem in de grond kon het water slecht weg. Ophoping van afgestorven resten van water- en moerasplanten zorgde voor veenvorming. In de loop van eeuwen ontstond een veenpakket van soms wel drie tot vier meter dik.

Aankoop Bakkerskooi en Grote Otterskooi
In 1934 kocht Natuurmonumenten haar eerste ’natuurmonument’ in De Wieden: de Bakkerskooi in Wanneperveen. In 1940 volgde aankoop van de Grote Otterskooi. Aanvankelijk groeide De Wieden rondom de kooien. Later werd ook gebied buiten de kooicirkels verworven. Omdat veel boeren na 1950 stopten, kon Natuurmonumenten steeds meer percelen aankopen; soms ook hele kleine stukjes. Op dit moment zijn er meer dan 5300 percelen in bezit van Natuurmonumenten!
Vervening
Vanaf de vijftiende eeuw is in De Wieden veen gebaggerd. Het vochtige veen werd gedroogd op smalle ’legakkers’. Daarna werd deze brandstof, het turf, naar Holland verscheept om er huizen mee te verwarmen. ’Petgaten’ met water bleven achter. De broze legakkers of ’ribben’ ertussen waren niet bestand tegen harde wind en hoge golfslag en braken door. Zo ontstonden grote ’wijden’ (uitgesproken als wieden).

