Wandelroute het Oisterwijkse bos en vennen
De wandelroute Het Oisterwijkse bos en vennen gaat door een gevarieerd bos. Geniet na het wandelen bij Boshuis Venkraai van een speciaalbier of een glas chocomelk.

Wandelen door het Oisterwijkse bos en langs de vennen
De Oisterwijkse Bossen en Vennen staan al heel lang bekend vanwege hun aangename wandelmogelijkheden.
Reeds in 1912 werd Natuurmonumenten gevraagd om hier aankopen te doen om te voorkomen dat er in dit fraaie bos- en vennengebied allerlei villa’s gebouwd zouden worden.
Inmiddels bezit Natuurmonumenten hier zo’n 405 ha natuurgebied waar jaarlijks ruim een miljoen bezoekers van komen genieten. In die tijd zijn de bossen behoorlijk veranderd.
Door het op de natuur gerichte beheer zijn de voor de houtproductie aangeplante naaldbossen uitgegroeid tot gevarieerde bossen, waardoor je heerlijk kan wandelen.
De Kolkvenroute laat je zien hoe soortenrijk de Oisterwijkse bossen nu zijn. Ook zie je langs de wandelroute enkele van die stille, rustgevende vennen waar dit natuurgebied zo bekend om staat. Tijdens het wandelen heb je kans op ontmoetingen met de waternavel (plant) en het goudhaantje (vogel).
Wandel je met kinderen? Leer ze met behulp van het tellen van naalden de spar, den en lariks herkennen. Informeer bij het bezoekercentrum naar meer mogelijkheden om dit mooie natuurgebied te ontdekken.
Meer wandelroutes in Noord Brabant
De wandelroute
(De nummers komen overeen met de nummers op de kaart)
Het eerste paaltje met witte pijl vind je recht voor de deur van het bezoekerscentrum Oisterwijk.
Wat is er tijdens het wandelen te zien?
1.Bezoekerscentrum Oisterwijk
De Kolkvenwandeling begint en eindigt bij het bezoekerscentrum Oisterwijk. Een goede gelegenheid om zowel van tevoren als na afloop informatie in te winnen over het mooie natuurgebied de Oisterwijkse Bossen en Vennen.
2.Naar een natuurlijker bos
Het deel van het bos waar je nu doorheen loopt was ruim een eeuw geleden nog een open heidevlakte. Het is aangelegd omdat de heide zijn economische waarde voor de boeren had verloren. Hier bij Oisterwijk zijn vooral grove dennen aangeplant om hout te leveren voor de mijnbouw in Zuid-Limburg.
Vanaf de jaren zeventig is Natuurmonumenten begonnen om deze vrij monotone dennenakkers om te vormen naar een meer natuurlijk bos. Daarvoor zijn op diverse plaatsen open plekken in het dichte naaldbos gehakt.
Op de ruimte waar het zonlicht nu weer de bosbodem bereikt zie je dat er overal jonge loofboompjes, struiken en kruiden zijn opgekomen. Na verloop van tijd zal het bos vanzelf uitgroeien tot een gevarieerd geheel, waar verschillende planten en dieren zich thuis voelen.
3.Naalden tellen
Hoewel er steeds meer loofbomen in de Oisterwijkse bossen komen, blijven de naaldbomen voorlopig in de meerderheid. Een manier om de belangrijkste soorten die hier staan te herkennen, is het tellen van de naalden.
Als de naalden steeds twee aan twee in een kokertje zitten is het een den. Zit elke naald apart aan de tak dan is het een spar. En als de naalden in bundeltjes van twintig of meer bij elkaar zitten dan is het een lariks. Een ezelsbruggetje hierbij is: solo = spar, duo = den en veel= lariks.
4.Dood hout natuurlijk
Her en der zie je dode bomen in het bos staan of liggen. De afgestorven stammen blijven in het bos staan omdat dood hout in een natuurlijk bos thuishoort. Ze vormen een belangrijke schakel in de kringloop.
Het wegrottende hout levert voedingsstoffen op waar andere bomen weer van kunnen groeien. Ondertussen leveren de vele diertjes die de dode boom afbreken weer voedsel op voor vogels en zoogdieren.
Aan de spechtengaten in de berken is te zien dat er heel wat insecten uit een dode boom te halen zijn. Daarnaast bieden de kwijnende stammen, afgerukte takken en ander dood hout goede schuil- en nestplaatsen, voor een rustende ree bijvoorbeeld of een roodborstengezin.
5.Vogels luisteren
Hoe gevarieerder het bos is, hoe meer vogelsoorten er een plaats kunnen vinden. Als je even rustig op het bankje gaat zitten, kun je wellicht horen hoe divers het bos hier inmiddels is. Het goudhaantje, herkenbaar aan zijn hoge sie-sie geluid, houdt vooral van naaldbomen.
De kwebbelende vinkjes zijn meer gesteld op afwisseling. En het roodborstje durft pas uit volle borst te zingen als er voldoende struikgewas is om aan een jagende sperwer te ontkomen.
6.Kolkven
Vanuit het bos ziet je plots het Kolkven schitteren. Dit ven is niet door poolwinden uitgestoven, zoals veel andere vennen in de buurt. Het kolkende water van een oude (smeltwater-) rivier moet het hebben uitgeslepen.
Hierdoor is het Kolkven ook een stuk dieper dan de andere Oisterwijkse vennen en biedt het meer plaats aan watervogels. Vanaf de steiger, waar de vissersboten aanliggen, heb je een fantastisch zicht op het ven (7).
Bij punt 8 loop je langs de grens van het Natuurmonumentengebied.
9.Moerasbos
Aan de linkerzijde van de zomereikenlaan zie je de drassige omgeving van het Achterste Kolkven. De natuur krijgt hier zoveel mogelijk de vrije loop. Inmiddels is het uitgegroeid tot een bijna onbegaanbaar moerasbos van omgewaaide berken, jonge boompjes en waterloopjes.
10.Brandven
Terug in het bos kom je spoedig bij het wonderschone Brandven.
Natuurmonumenten is niet altijd even blij met weelderige begroeiing van witte waterlelies.
De witte waterlelies horen oorspronkelijk niet in een ven thuis, maar kunnen er groeien dankzij het voedselrijker worden van het water, bijvoorbeeld door bladinval. De waterlelies zorgen ervoor dat het vennetje langzaam maar zeker dichtgroeit.
In het verleden is het ven ook voor een groot deel dichtgegroeid geweest, waarna mensen het weer hebben open gegraven om de plantenresten als turf in de kachel te kunnen stoken. De bulten pijpenstrootje laten zien tot waar er turf gebaggerd is.
11.Diaconieven
De langwerpige vorm en de omringende heuvels duiden erop dat dit ven in een ver verleden door de wind is gevormd. De laagte is door de overheersende zuidwestenwind uitgestoven, zodat voornamelijk aan de noordoost kant duintjes zijn ontstaan.
Aan de plantengroei kun je zien dat dit ven veel voedselarmer (en dus meer natuurlijk) is dan de vorige vennen: witte waterlelies ontbreken nagenoeg en langs de oevers groeit bijvoorbeeld waternavel (herkenbaar aan het kuiltje in het midden van het blad).
Hoe is de wandelroute te bereiken?
Met het openbaar vervoer
Je reist naar NS-station Oisterwijk. Daarvandaan kun je de treintaxi nemen of in ongeveer 20 minuten via de wit-rood gemarkeerde NS-wandelroute naar het bezoekerscentrum lopen.
Met eigen vervoer
Je neemt vanaf de weg Den Bosch-Tilburg (A65) de afslag Oisterwijk/Moergestel. In Oisterwijk 2e rotonde links. Daarna 2e rotonde rechts. Verder de bordjes ‘Natuurmonumenten’ of ‘andere recreatievoorzieningen’ volgen.
Colofon
Tekst: Frits Vaandrager
Productie: Buro Kloeg, Bunnik
Adressen
Bezoekerscentrum Oisterwijk
Vereniging Natuurmonumenten
Van Tienhovenlaan 5
5062 SK Oisterwijk
T (013) 523 18 00
Openingstijden: dinsdag t/m zondag van 10 tot 17 uur.
In de winterperiode (1 november tot 1 april) sluit het bezoekerscentrum om 16 uur.
VVV Oisterwijk
Spoorlaan 82 D
5061 HD Oisterwijk
T (013) 528 23 45
Stads-VVV Tilburg
Nieuwlandstraat 34
5038 SN Tilburg
T 0900 202 08 15 (35 cpm)
Brasserie Kleijn Speijck
Bosweg 140
5062 SH Oisterwijk
T (013) 528 22 63
www.brasseriekleijnspeijck.nl
Boshuis Venkraai
Bosweg 162
5062 SH Oisterwijk
T (013) 528 23 96
www.venkraai.nl
Vereniging Natuurmonumenten
Ledenservice T (035) 655 99 11
- Wilt u hierop reageren? Log dan eerst in of maak een Natuurmonumenten account aan.

