Nieuws van de boswachter

In Deelerwoud krijgt wild meer de ruimte

10 MAART 2016 | Susanne Blommaert

15 jaar na de start van een experiment blijft het Deelerwoud (Veluwe) afschotvrij.

In Deelerwoud krijgt wild meer de ruimte

Toen Natuurmonumenten in 2001 besloot om bij wijze van experiment vijf jaar lang geen herten meer te schieten in het Deelerwoud, werd voor het eerst op een deel van de Veluwe de controle over de populatieontwikkeling van deze diersoorten losgelaten. Natuurmonumenten verwachtte dat de populatie zou groeien, en hoopte dat de dieren minder schuw zouden worden.

Terughoudend

Het experiment kwam er niet zonder slag of stoot. Boeren en jagers zagen niets in dit experiment, collega terreinbeheerders reageerden van nieuwsgierig tot terughoudend. Over de consequenties van het stoppen met afschot was tenslotte amper iets bekend. De angst voor een onbeheersbare populatie was groot, het Deelerwoud is immers geen afgesloten gebied.

 

Fotograaf: Geurt BesselinkBron: NatuurmonumentenZichtbaarder

Meer ongerepte natuur en een grotere zichtbaarheid van de dieren. Dat is wat het experiment in de kern heeft opgeleverd. Het aantal edel- en damherten is flink gegroeid, respectievelijk van 49 naar 264 en van 64 naar 400. Ze zijn minder schuw en dus beter zichtbaar voor het publiek. Voor zover waarneembaar zijn ze gezond. Meer dieren, eten ook meer. Dat is te merken aan het zeldzamer worden van jonge eikjes, lijsterbessen en berken in het Deelerwoud.

Resultaat

Inmiddels is het Deelerwoud afschotvrij en geldt dat ook voor een deel van het aangrenzende Nationaal Park Veluwezoom. Het geldt niet alleen voor edel- en damherten. Ook voor wilde zwijnen. Er is veel informatie verzameld over de populatieveranderingen, veranderingen in de vegetatie en over de maatschappelijke schade. Natuurmonumenten hoopt dat dankzij het experiment dat 15 jaar geleden in het Deelerwoud is gestart om geen herten af te schieten, de zorg bij andere terreinbeheerders en overheden over oncontroleerbare situaties weggenomen kan worden en dat het beheer van wilde dieren niet gaat over de draagkracht van natuurgebieden en welke maximale aantallen dieren daarbij passen. In plaats daarvan moet het gaan over hoe je schade kunt voorkomen en beperken. Welke maatregelen je daarvoor kunt nemen, waarbij afschot van wild pas aan de orde is als alle andere maatregelen benut zijn. Natuurmonumenten wil zo min mogelijk dieren doden maar zal uiteindelijk ook dieren moeten afschieten als de situatie niet langer houdbaar is vanwege schade en overlast in het eigen natuurgebied of bij de buren.

Experiment wordt werkelijkheid

Gaandeweg bleef de druk om het experiment te stoppen, groot. De angst bleef dat de zaak onbeheersbaar zou worden. In 2013 hield Natuurmonumenten een grote enquête over de manier waarop we met groot wild moeten omgaan. Bekijk resultaten enquête >> De achterban gaf aan vaker wilde dieren te willen zien en pas jacht toe te staan als alle andere middelen om overlast te beperken zijn uitgeput. Daarop besloot Natuurmonumenten dat het Deelerwoud definitief afschotvrij zou worden, niet alleen voor dam- en edelherten, maar ook voor wilde zwijnen. En niet alleen in het Deelerwoud, maar ook op zo’n 1000 ha in het aangrenzende Nationaal Park Veluwezoom.

Zelf herten zien

De kans dat je in het Deelerwoud herten te zien krijgt, is bijzonder groot. Wandel bijvoorbeeld deze route en neem je verrekijker mee!

Susanne Blommaert

Volg mij:TwitterFacebook