Om je beter en persoonlijker te helpen, gebruiken wij cookies en vergelijkbare technieken. Met de cookies volgen wij en derde partijen jouw internetgedrag binnen onze site. Hiermee tonen we advertenties op basis van jouw interesse en kun je informatie delen via social media. Als je verdergaat op onze website gaan we ervan uit dat je dat goedvindt. Meer weten en instellingen.

Nieuws van de boswachter

Waarom werken kunstriffen in de Waddenzee wel/niet*

24 juni 2019 | Sanne van Gemerden

Een opvallend onderdeel van het onderzoek en het herstel rond Griend zijn de biologisch afbreekbare ‘mosselkratjes’, die in honderdveertig rijtjes van vijf meter lang voor de kust van het eiland zijn gezet. Promovendi Greg Fivash en Ralph Temmink proberen te achterhalen of deze biologisch afbreekbare structuren erin zullen slagen om weer natuurlijke mosselbanken rond het eiland te laten vestigen. Tekst Rob Buiter

Onderzoekers kijken naar BESE, bij Griend

Kratjes met kokostouw

In eerste instantie hadden de beide promovendi op kleine schaal in de buurt van Ameland geëxperimenteerd met de open ‘kratjes’. ‘Het idee is dat mossellarven zich in de open en complexe structuur kunnen vestigen. Zodra de biologisch afbreekbare kratjes dan zijn verdwenen, moet een levensvatbare populatie volwassen mossels overblijven’, vertelt Temmink, onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Tot zo ver de theorie.

Mossel op BESE, onderzoek bij Griend

‘Een gouden greep was in ieder geval het vlechten van kokostouw door de kratjes heen. Daar bleken de mossellarven zich goed op te kunnen vestigen, terwijl ze daar ook veilig waren voor rovende krabben en garnalen, omdat alleen de relatief kleine predatoren in de open structuren konden kruipen.’

Onderzoek naar kunstriffen (BESE) bij Griend

Vervolgens werd het experiment opgeschaald naar de in totaal veertig kubieke meter aan kratjes rond Griend. Van die veertig kuub is inmiddels het nodige afgesnoept door ijsgang in de winter van 2017-2018, maar er staan nog voldoende kunstriffen voor Temmink om zijn onderzoek aan te doen. ‘Ik kijk vooral naar de biogeochemie rond deze structuren. In een natuurlijke mosselbank zorgt de zogenoemde pseudofaeces van de schelpdieren voor een heel eigen milieu. Ik heb al kunnen meten dat ook de mosselen in deze kunstriffen een duidelijk effect hebben op het milieu, zoals op ammonium en fosfor in het bodemwater tussen de structuren. Ook het afzetten en wegspoelen van slib en zand wordt heel sterk beïnvloed door de riffen.’ 

Kunstriffen tijdens onderzoek in Waddenzee

Tumbleweed

Greg Fivash, die als promovendus verbonden is aan het koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, het NIOZ in Yerseke, zag ook heel andere krachten rond de kunstriffen loskomen. ‘In zekere zin gedragen de kunstriffen zich als een rotskust, waar zich wel heel veel kleine schelpjes op vestigen, maar waar niet snel een permanente mosselbank lijkt te ontstaan. Maar je ziet op het wad nog een tweede manier waarop mosselbanken zich kunnen vestigen. Van bestaande mosselbanken kunnen kleine stukken losraken. Die gaan vervolgens als een soort tumbleweed in een woestijn aan de wandel. Wanneer ze tegen een harde structuur tot stilstand komen, kunnen die kleine balletjes de kern zijn waaromheen een compleet nieuwe mosselbank ontstaat. We zagen dat onder andere rond een aantal platte structuren die we alleen maar hadden aangelegd om luwte te creëren voor zeegras. Uitgerekend daar bleken de zwervende stukjes mosselbank neer te komen om zich opnieuw te vestigen. Je kunt dus aan de ene kant proberen om de vestiging van larven te stimuleren, maar aan de andere kant kan het ook wel eens effectiever zijn om dit soort secundaire, losgeslagen stukken mosselbank te vangen om daarmee nieuwe riffen te stimuleren.’

Vogels rondom Griend

*Doorhalen wat niet van toepassing is

De vraag of kunstriffen wel of niet werken – of zoals Temmink en Fivash ze liever noemen: Biodegradable Elements for Starting Ecosystems – is nog niet eenvoudig te beantwoorden. De beide promovendi willen dan ook nog niet definitief doorhalen wat niet van toepassing is. ‘Ik denk dat je het van geval tot geval moet bekijken’, veronderstelt Temmink. ‘Een aanpak die in het ene ecosysteem wél werkt, zal het op een andere plek misschien helemaal niet doen.’ Fivash hoopt op een andere uitkomst. ‘Uiteindelijk zijn we toch op zoek naar universele principes voor dit soort structuren. Wat zijn de algemene voorwaarden waar een structuur aan moet voldoen om bijvoorbeeld een mosselbank net dat duwtje over de drempel te geven.’ Maar universeel of niet, ook Fivash moet het antwoord op die vraag nu nog even schuldig blijven.

Nadere informatie:

Achtergrond van dit project

Achtergrond over kunstriffen (BESE)

BESE onderzoek kunstriffen nabij Griend, in de Waddenzee
Sanne van Gemerden
Sanne van Gemerden
logo