Ga direct naar inhoud
Nieuws

Tramrails en traptreden

16 juli 2020

Hoog in de lucht zit ik, op een ijzeren stoeltje met ladder die tegen een boom bevestigd is. Diep in het bos, met alleen het gefluit van vogels en in de verte wat rumoer van een boerderij. Om me heen een kleine open plek die eruit ziet als een grote gatenkaas. Ik ben de omgeving nog in me aan het opnemen als ik ineens beweging zie in mijn ooghoek.

Geeke Remmelts

Zwart-witte streepjes duiken op uit een van de gaten verderop. Ik pak snel mijn verrekijker en kijk ademloos hoe er een, twee, drie… dassen tevoorschijn komen… het zijn er zelfs zes! Een volwassen dier met vijf kleintjes, een wirwar van strepen. Ze blijven eerst hangen bij de ingang van de burcht, maar uiteindelijk komt moeder met drie kleintjes helemaal naar buiten.

Wat volgt is een eindeloze voorstelling van dasjes die over elkaar heen buitelen, in het ene gat duiken om bij een ander weer boven te komen en dapper de omgeving verkennen. Moeder neemt de kleintjes en zichzelf onder handen, want die vacht moet gepoetst worden. En uiteindelijk gaat ze op haar rug liggen/zitten en is een van de kleintjes luid smakkend aan het drinken. Wat een waanzinnige ervaring en nog lang daarna spoken de dassen door mijn hoofd.

Op de ’s-Gravelandse Buitenplaatsen waar ik werk heb ik geregeld bijzondere ontmoetingen. Met de kuifmees die ineens naast me opduikt en nieuwsgierig toekijkt. Het vosje dat op een druilere dag mijn pad kruist op de hoofdlaan van Boekesteyn. Een eekhoorn die voor me uitspringt tussen de indrukwekkende beuken. De reeën die aan het einde van de dag de graslanden opzoeken om te grazen. De raaf die in de verte roept en het getimmer van de grote bonte spechten boven mijn hoofd. De buitenplaatsen zitten bomvol natuur en nog leuker: iedereen mag ervan meegenieten!

Fascinerende verhalen

Maar wat deze plek nog mooier maakt zijn de prachtige verhalen. Over de bijzondere mensen die er geleefd hebben en dit gebied hebben vormgegeven. Met zijn weelderige parkbossen, fraaie lanen en waterpartijen, gekke follies en natuurlijk de imposante landhuizen. Op een plek waar aanvankelijk alleen kale woeste gronden waren.

Die verhalen vind je terug in het landschap: bijvoorbeeld in de hoogteverschillen, ontstaan door het afgraven van de zandgrond. Afgevoerd naar Amsterdam voor de uitbreiding van de grachtengordel in de zeventiende eeuw. Huisvuil kwam mee terug om de grond vruchtbaarder te maken, daarom vind je in de kluit van een omgevallen boom of een molshoop soms scherven of pijpenkopjes.

De aha en gnoestallen op Gooilust die herinneren aan de gekke dierentuin van Frans Blaauw. Evenals de oude tramrails - inmiddels bijna opgeslokt door enkele bomen - die een nieuwe bestemming kregen om zijn bizons binnen te houden. En een van mijn favorieten: de traptreden die onder een grote conifeer verborgen liggen, het enige overblijfsel van het vroegere landhuis op Bantam. Zo veel mooie verhalen...

Deze verhalen wil ik graag met je delen, dus vanaf nu neem ik je hier maandelijks mee over de buitenplaatsen!