nieuws

Boswachter bezoekt wolven

De wolf rukt vanuit Duitsland steeds verder op naar Nederland. Heeft de wolf kans hier kans van slagen? Boswachter André Donker bezocht het Werner Freund Wolfpark in Duitsland en vertelt erover in onderstaand interview.

Wat is dat voor wolvenpark?
'Het park ligt langs de rivier de Saar bij het plaatsje Merzig, vlakbij het schitterende uitzicht over de Saarschleife. Ik ontmoette daar Tatjana Schneider, wolvengedragsdeskundige. Zij heeft het park overgenomen van Werner Freund. Het park is opgericht om gedragsstudie te verrichten. 

In dit wolvenpark doen ze al jaren gedragsonderzoek naar wolven. Omdat de wolf zich waarschijnlijk ook in ons land gaat vestigen, kunnen we veel leren van de ervaring uit het park en van de ruim 300 volwassen wilde wolven in Duitsland (welpjes niet meegteld). Eigenlijk gaat dat aantal wilde wolven beter dan gedacht. Hoewel er altijd verzet zal zijn tegen de komst van de wolf, bepaalt het dier zelf of hij komt of niet. Ze genieten veel wettelijke bescherming. Wij mensen beslissen niet of hij komt en welkom is, dat is immers al in Europees verband afgesproken en in wet vastgelegd.'


Foto: Odiene Agasi - Wolf in het Werner Freund Wolfpark.

Hoe komt het dat de wolf het in Duitsland zo goed doet?
'Er is voldoende ruimte, rust, voedsel en partners waarmee jongen groot te krijgen zijn. Afschot of beheer door afschot  is verboden, dus nemen ze in aantal toe, waardoor ze ook naar ons land kunnen komen, op zoek naar nieuwe leefgebieden. Geen wonder dus dat ze de grens oversteken.'

Is er ruimte voor wolven in ons land?
'Ja, het grensgebied Overijssel, Drenthe, Groningen en de Veluwe bieden ruimte voor een klein aantal wolvenpaartjes. Ons land heeft daarnaast ruim voldoende voedsel, maar ons land is drukker en intensiever doorsneden met wegen. Dat eist zo zijn tol, maar ook dat zien we bij de buren. Daar zijn vanaf het jaar 2000 zo’n 140 wolven omgekomen in het verkeer.

Wolven bepalen zelf waar ze leven. Nu alle jacht op hen verboden is, maken zij zelf uit of een gebied in ons land geschikt is of niet. Rust, voldoende voedsel, partner en een plek om jongen groot te brengen. Wij denken dan gelijk aan grote bossen, maar dat maakt voor de wolf niets uit. Grote landbouwgebieden zijn vaak stiller dan onze drukbezochte bossen vol wandelaars, fietsers, sporters en honden. Bovendien wonen in dergelijke landbouwgebieden minder mensen, waardoor de wegen ’s avonds ook minder druk zijn.'

Wat staat er bij ons op hun menu?
'Grote roedels komen in onze streken vrijwel niet voor. De reden daarvoor is het ontbreken van grote kudden met zeer grote prooidieren. Een prooi moet de aanwezige monden kunnen voeden. Bij ons zal het voedsel hoofdzakelijk uit reeën bestaan. Die bieden slechts voedsel voor twee wolven, maar kunnen ook door 1 tot 2 wolven gepakt worden. Verder staan wild zwijn en edelhertkalfjes op hun menu. Vaak dieren die iets mankeren, dus ook minder in conditie zijn en minder gewicht hebben. Wolven eten als eerste mineraal rijk orgaanvlees. Op een dieet van echt vlees krijgt de wolf te weinig mineralen binnen.'

Hoe groot is het gevaar van het verkeer?
'In Duitsland vormt verkeer een groot risico voor zwervende dieren die zoek zijn naar nieuwe leefgebieden. Zodra nieuwe leefgebieden zijn gevonden, neemt hun actieradius echter flink af en daarmee ook het gevaar om overreden te worden. Vaak denken wij aan een enorm leefgebied, maar dat valt bij wolven enorm mee als ze eenmaal gesetteld zijn.'

Hoe groot zal in invloed van de wolf op de Nederlandse natuur zijn?
'Ze zorgen voor een totaal andere verspreiding van hun prooidieren. Ze eten er best veel van op, maar het zal het beheer van grote wilde dieren niet overbodig maken. Wel kunnen ze op kilometers afstand al ruiken of een prooidier zwak en ziek is. Die zijn eenvoudig te pakken, waardoor ze superselectief kunnen jagen en zo meewerken aan het opbouwen van gezonde populaties hoefdieren. '

Wat moeten we weten van de wolf, nu hij zo dichtbij komt?
'Wolven zijn slim en kunnen dagen van tevoren plannen om een prooi te bemachtigen en zelfs elkaar opdrachten geven om de aanval zo effectief mogelijk te laten verlopen.  En ze 'lezen' het landschap. Zo kunnen ze ruiken waar een dier heeft gelegen. Ze ruiken zelfs de leeftijd, de duur van de ligplaats en in welke conditie het prooidier verkeert. Op basis van die informatie besluiten ze al dan niet de achtervolging in te zetten, die zomaar drie dagen kan duren. Wolven kennen geen haast, maar gaan zeer zorgvuldig te werk.'

 

word nu lid