Nieuws van de boswachter

Hoe maak je je tuin winterklaar? 10 tips voor de herfst

07 oktober 2020 | Mathiska Lont

In de herfst maken veel mensen hun tuin winterklaar. Maar van al die orde en netheid worden de dieren in je tuin eigenlijk niet zo blij. Zij houden meer van rommelhoekjes waar ze ‘s winters in weg kunnen kruipen. En van uitgebloeide planten vol hapklare zaden. Boswachter Mathiska legt in deze tuintip uit hoe zij haar tuin winterklaar maakt. Door juist weinig te doen helpt zij dieren en planten de winter door. Als dat geen goed nieuws is…

Koolmees op zonnebloem

1. Laat uitgebloeide planten lekker staan

Misschien ziet het er wat rommeliger uit, maar de vogels en insecten in je tuin zullen je dankbaar zijn. In de winter zijn zaden voor veel vogels een voedzame snack. En voor veel insecten zijn de stengels een mooi beschut plekje om te overwinteren. Ook zitten er in en op stengels veel eitjes, larven en cocons van insecten. Overweeg eens om uitgebloeide planten pas in het voorjaar weg te halen zodat allerlei diertjes de winter veilig door kunnen komen.

2. Recycle afgevallen blad

In de herfst laten veel bomen en struiken hun blad vallen. Vaak willen we ze niet op het gras hebben en harken of blazen we ze weg. Maar eigenlijk is het zonde al dat organische materiaal zomaar in de groenbak te gooien. Want in het blad zitten juist de voedingsstoffen die je weer terug in de bodem wilt. Laat ze liever gewoon liggen. Maai de bladeren op je gazon mee met de laatste beurt voor de winter en hark ze tussen de planten. Dan hebben de planten voedsel voor het volgende seizoen. Schimmels, bacteriën en kleine diertjes breken de bladeren af en regenwormen zorgen ervoor dat ze in de grond komen. Dat geldt trouwens alleen voor bladeren van inheemse struiken en bomen. Materiaal van elders kunnen ze niet verteren.

3. Laat bessen en fruit liggen/hangen

De klimop staat nu volop in de bessen, en lekker hapje voor veel vogels. Is je klimop heg enorm wild geworden, laat liever alles nog even zitten tot na de winter. Heb je fruitbomen of druiven in je tuin? Laat wat van deze vruchten hangen of op de grond liggen. Veel vogels en insecten zijn er heel blij mee.

Merel

4. Schuilplekken voor de winter

Heb je veel snoeihout, takken en ander spul? Gooi alles op een hoopje en maak er een schuilplek voor insecten en zoogdieren van. De vertering in de hoop gaat in de winter gewoon door. Door de warmte die daarbij vrijkomt, is het een fijn warm plekje om te overwinteren. Andere dieren komen maar wat graag langs om van die insecten te eten.

5. Maak een egelhuis

Egels gaan in winterslaap. Maak van een oud omgekeerd krat of wat planken een ruimte waar zij zich in kunnen terug trekken. Vul de ruimte op met wat droge bladeren. Kijk ook even goed of de egels wel van de ene tuin naar de andere kunnen komen. Zo niet, maak dan wat openingen aan de onderkant van je schutting.

Egel

6. Zaden en vruchten verzamelen

Alle planten, bomen en struiken maken nakomelingen in de vorm van zaden en vruchten. Nu is het de tijd om ze te verzamelen. Je kunt ze nu in je tuin zaaien of planten of in het voorjaar. Laat nog wel wat hangen voor de dieren in je tuin! Gaaien en eekhoorns verstoppen hazelnoten en beukennoten voor hun wintervoorraad, maar vergeten ook weleens wat. In het voorjaar lopen ze uit en komt er op een onverwachte plek ineens een piepklein boompje op.  Zo kun je zelf dus ook een boom of struik planten in je tuin.

7. Maak van één plant een heleboel plantjes

Na het groeiseizoen maken veel planten nakomelingen voor volgend jaar. De pol is dan soms te groot geworden voor zijn plek. Een goed moment om de plant te scheuren. Spit de pol in zijn geheel uit en steek hem met een spade in stukken. Deze stukken kun je weer uitplanten op een ander mooi plekje in je tuin. Zo geef je ze weer de ruimte om volgend jaar uit te groeien.

8. Verplaats planten naar een nieuwe plek

Veel planten zijn 2-jarig, denk aan stokrozen en dagkoekoeksbloemen. Het eerste jaar zie je alleen de rozetten, het jaar daarop bloeien ze. In deze tijd van het jaar kun je de rozetten verplaatsen zonder veel schade aan de plant te doen. Heb je erg veel rozetten? Dun ze dan uit of geef ze weg aan buren, vrienden of familie.

9. Nestkastjes schoonmaken

Nu het broedseizoen voorbij is, kun je de nestkastjes schoonmaken. Doe dit voor de eerste koude nachten, want dan gebruiken vogels zo’n kastje graag als slaapplek. Je maakt ze schoon door de oude nestjes eruit te halen en de boel even goed uit te borstelen met water. Daarna laten drogen, eventueel repareren en weer ophangen.

10. Onderhoud je vijver

Om een vijver goed te laten functioneren heb je verschillende waterplanten nodig, maar ze groeien als kool...Als je niet oppast, groeit je vijver snel dicht. De herfst is de beste tijd om de boel eens flink uit te dunnen. Haal van alles ongeveer een derde weg. Leg alles uitgespreid op de kant en laat het een tijdje liggen. Dat geeft waterinsecten de tijd hun weg terug te vinden naar de vijver. 

Voor gele plomp en waterlelie moet je iets meer werk verrichten. Haal met een hark de wortel eruit en zaag de wortel doormidden. Bind weer een stuk touw en steen aan de wortel en gooi hem terug. De wortel zinkt nu weer en kan zo goed de winter doorkomen. Alle waterplanten gooi je op de composthoop en niet in de natuur. Zo hard als ze in je vijver groeien, zo snel groeien ze ook in de natuur. Vooral soorten die van nature niet in Nederland voorkomen kunnen echte plagen worden.

Maak van je tuin een mini-natuurgebied

Eigenlijk is een tuin net een natuurgebied, maar dan in het klein. Dat gaat alleen niet vanzelf. Mathiska, onze boswachter met groene vingers, weet als geen ander hoe je een tuin vol leven krijgt. Wil je weten hoe je in jouw tuin meer bloemen, vlinders, vogels en andere dieren krijgt? Geef dieren een plek waar ze kunnen eten, schuilen en een nest bouwen.

Lees de tuintips van Mathiska en ga zelf aan de slag!

Mathiska Lont
Mathiska Lont
logo