natuurgebied

Nationaal Park Oosterschelde

nieuws

Wetlands deel 2: Onze kustvogels zitten er 'warmpjes' bij

Het is een van de meest fascinerende natuurverschijnselen die er bestaat: de vogeltrek. Ieder jaar trekken miljoenen vogels vele duizenden kilometers. Met voor veel van onze steltlopers en kustvogels West-Afrika als overwinteringsbestemming. In deel 2 van de verhalen over wetlands nemen we een kijkje in het West-Afrikaanse Gambia.

Nu het hartje winter is hebben veel kustvogels en steltlopers onze delta verlaten voor warmere oorden. De rivierdelta’s en wetlands van Mauritanië, Senegal, Gambia en Guinee-Bissau zijn op dit moment hotspots.

Om meer te weten te komen over de vogeltrek en het leefgebied van veel steltlopers en kustvogels bracht boswachter Paul Begijn een bezoek aan het West-Afrikaanse land Gambia. Met temperaturen die oplopen tot zo’n 33 graden een plek waar het prima vertoeven is voor veel vogels. Begijn: “Maar het is niet zozeer de warmte die de vogels naar West-Afrika trekt, maar het voedselaanbod.” Het landschap van West-Afrika wordt gekenmerkt door open rivierdelta’s waar het getij nog vrij spel heeft. “Geen deltawerken die het getij remmen, maar open systemen waar eb en vloed het landschap bepalen. Door de dynamiek en het estuariene karakter (daar waar zoet en zout water samen komen) zijn deze delta’s heel voedselrijk en daarmee van grote waarde voor veel kustvogels die er in de wintermaanden verblijven.”


De Gambia-delta wordt gekenmerkt door mangroven bossen en droogvallende slikken en zandbanken. Foto Paul Begijn

Zandbanken en mangroven
Zandbanken, voedselrijke slikken en mangrovebossen begroeid met oesters typeren het kustlandschap in West-Afrika. Doordat de landen nog geen moderne vissersvloot kennen is er nog sprake van een gezonde visstand, waar ook diverse vogelsoorten van profiteren. Verschillende soorten sterns, pelikanen, lepelaars en aalscholvers doen het hier prima. De voedselrijke bodems trekken weer diverse soorten strandlopers, plevieren, steltkluten, grutto's en de regenwulp.

 


Als het water zich terugtrekt vallen zandbanken en eilandjes droog in de Gambia delta. Ze bieden een prima plek voor de regenwulp (rechts) en een groep sporenkieviten. Foto Paul Begijn


Een Eueropese lepelaar (rechts) is in goed gezelschap van een groep Afrikaanse lepelaars, heilige ibissen en een Afrikaanse nimmerzat (gele snavel). Foto Paul Begijn


De voedselrijke slikken vallen twee keer per dag droog, zodat de vogels aan een rijkgedekte tafel kunnen aanschuiven. Foto Paul Begijn

Bijtanken
Hoewel het nu nog hartje winter is en we terug kunnen kijken op een winterse week in Nederland, zijn veel vogels alweer begonnen aan de vogeltrek richting Europa. “En omdat vogels zo’n lange reis niet op één tank kunnen redden, wordt er onderweg regelmatig bijgetankt”, vertelt boswachter Paul Begijn. “ Tenminste, als er voldoende voedsel te vinden is. Een van die plekken is het waterrijke Nationaal Park Coto Doñana in Zuid-Spanje. Een prachtig voorbeeld van een wetland dat een cruciale rol speelt tijdens de internationale vogeltrek. Hier komen duizenden vogels bijtanken en uitrusten op hun verre reis, en dat twee keer per jaar.” Met name in september en in februari is het een fantastische plek om de vogeltrek van dichtbij mee te maken. Al moeten we ons volgens Begijn niet te veel blindstaren op die maanden. “Er zijn zelfs meldingen van gezenderde grutto’s die al in december werden waargenomen in dit prachtige natuurgebied. Ons beeld dat de vogels in het najaar wegtrekken en in het voorjaar terugkomen, is daarmee ook niet helemaal juist. Sterker nog, van veel steltlopers en kustvogels is bekend dat ze eind juli/ begin augustus al aan de vogeltrek beginnen en in februari terug in Nederland arriveren.”

Wachten op eerste grutto’s
Voorlopig is het dus nog even wachten voor onze oer-Hollandse grutto terugkeert . Tenminste, als ze de reis hebben overleefd. Want het is een reis vol gevaren met veel obstakels. Begijn: “Wat we wel kunnen doen is ervoor zorgen dat het leefgebied van de grutto er weer spik en span bijligt als ze terugkeren. Dat betekent het regelen van het waterpeil (grutto’s hebben een voorkeur voor drassige en kruidenrijke graslanden), kort houden van de graslanden door middel van grazers of maaien en soms waar nodig maatregelen nemen om de vos te weren. En nu maar hopen dat de grutto veilig terugkomt, wij ontvangen ze met open armen.”

Deel 1 over wetlands lees je hier: https://www.natuurmonumenten.nl/nieuws/nederlandse-wetlands-het-beschermen-meer-dan-waard 

Ga mee op excursies door het Verdronken Land van Zuid-Beveland en ontdek de dynamiek van de delta: https://www.natuurmonumenten.nl/activiteiten/op-survival-door-het-verdronken-land/2017-03-12t1000

word nu lid