Over dit gebied
Bron: NatuurmonumentenEerst zandverstuiving, nu kronkelpaden

Het stuwwallenlandschap van de Utrechtse Heuvelrug werd in de voorlaatste ijstijd gevormd. Dat was 160.000 jaar geleden. Rond 1750 kocht een rijke familie het gebied dat nu de Kaapse Bossen heet. Het bestond toen vooral uit heide en zandverstuivingen. De volgende eigenaren lieten vanaf 1850 bos aanplanten. Door de aanleg van lanen en kronkelige paden maakten ze er een aantrekkelijk wandelgebied van.
Bron: Natuurmonumenten
Landgoed De Ruiterberg

Midden in de Kaapse Bossen ligt het landgoed De Ruiterberg. Een poortgebouw met torenkamer markeert de ingang van het landgoed. Het huis is nog steeds bewoond door particulieren.
Vanaf het wandelpad heeft u goed zicht op de terrassentuin naast het huis. Deze tuin werd tussen 1917 en 1923 aangelegd door de bekende tuinarchitect P.H. Wattez.
Bron: NatuurmonumentenOp zoek naar zichtbare historie
In het verleden sierde men het bos graag op met opvallende objecten. Zo vindt u hier de Stenen Tafel, het theehuis Helenaheuvel, de Doornse Keien en restanten van de eerste uitzichttoren. 
In de Kaapse Bossen vindt u ook een aantal historische paden zoals het Maarsbergse voetpad, het Domlaantje en de meer statige oude beukenlanen.
Verder zijn er door het hele bos boswallen terug te vinden. Ze gaven vroeger de grenzen aan van een perceel of gemeente. In het gedeelte tussen de Hoogstraat en recreatieterrein Het Doornse gat bevinden zich een aantal grafheuvels.
Bron: NatuurmonumentenEikenhakhout
In de 19e eeuw heeft men 15 hectare aangeplant als eikenhakhout. Elke 12 tot 15 jaar werden de eiken afgezaagd. Het hout en de schors gebruikte men destijds om het leer te looien en als brandhout in bakkerijen en fabrieken.
De achtergebleven stobben liepen weer uit tot struikvormige eikjes met grillige vormen. Natuurmonumenten houdt dit karakteristieke bostype in stand door de bomen samen met een groep vrijwilligers 'terug te zetten'.
Op de eikenhakhoutpercelen leven hazelwormen en levendbarende hagedissen. Broedvogels zoals boomleeuwerik, geelgors en kneu kunt u hier ook aantreffen.
Paddenstoelen paradijs
In het najaar barst het hier van de paddenstoelen. Na een regenbui schieten ze letterlijk de grond uit. De oude bosbodem heeft lang de tijd gehad om zich goed te ontwikkelen. Dit zorgt voor een rijkdom aan paddenstoelen. Ieder type bos heeft zo zijn eigen soorten. Zo staan er onder naaldbomen heel andere soorten dan bij de eiken.U vindt hier het rode koolzwammetje, die inderdaad precies dezelfde kleur heeft als rode kool. Het kleverig koraalzwammetje is net koraal op een boomstam De grote stinkzwam stinkt zo erg dat u deze lucht niet snel zult vergeten. De bekende vliegenzwam met zijn rode hoed en witte stippen geeft de bossen een sprookjesachtig uiterlijk.
Lawaaimakers in het voorjaar
Zwarte spechten vinden in de Kaapse Bossen alles wat ze nodig hebben. In het dode hout zoeken ze naar voedsel. En in de oude bomen kunnen ze hun nestholtes maken. Deze forse vogels hebben namelijk flink wat ruimte nodig. U herkent het nest van de zwarte specht aan het ovaalvormige gat in de boom. De veelvoorkomende grote bonte specht maakt ronde gaten. In het voorjaar laten zwarte spechten goed van zich horen. Door het bos klinkt dan het luide geklop waarmee ze hun territorium aangeven. En soms hoort u ze zelfs miauwen als een kat.




