In natuurgebied Huis ter Heide bij De Moer wandel je door bossen, open velden en langs weidse vennen. Maar zo was het niet altijd. Dankzij vijftig jaar natuurbescherming is hier langzaam een gevarieerd landschap ontstaan, met veel meer ruimte voor planten en dieren.
Tegenwoordig is het vennengebied een belangrijke plek voor watervogels, libellen en kikkers. De Schotse hooglanders die hier grazen houden het landschap open en leefbaar.
Op een steenworp afstand van Tilburg vind je hier rust, afwisseling en uitzicht. Je komt langs poelen, moeras en een karakteristieke bomenlaan. De route is gemarkeerd met rode routepaaltjes en geschikt voor wandelaars van vrijwel elk niveau.
Praktische informatie
Deze route is door de lengte en de vele zandpaden niet geschikt voor een kinderwagen en buggy.
Vanaf de parkeerplaats P2 aan de Bergstraat/Tussenbaan vertrekt een route voor scootmobiels (4 km op en neer) naar het uitzichtpunt over het Leikeven. Deze gaat voor een groot deel over (semi)verharde paden en slechts gedeeltelijk over een zandpad. Dit zou een goed alternatief zijn om met een kinderwagen het gebied te verkennen.
Ooit lag hier een uitgestrekt, bijna ondoordringbaar veenmoeras. Tussen de 13de en 16de eeuw werd het veen afgegraven en als turf verkocht als brandstof. Na deze periode van turfwinning ontstonden natte heidegebieden zoals de Moersche Heide, de Loonsche Heide en de Grote Bodem. Later werden ook deze woeste gronden ontwaterd voor landbouw en bosaanplant. Daardoor wandel je hier nu een stuk makkelijker.
In het landschap zie je nog veel sporen van dat verleden. Rechts ligt het dorpsgezicht van De Moer – de naam verwijst nog naar het veen. Links kijk je uit over de bossen die vanaf ongeveer 1880 zijn aangeplant voor de houtproductie.
2. Oase vol leven
Vanaf het bankje onder deze oude boom heb je een weids uitzicht. De poel aan de overkant, ooit gegraven als drinkplaats voor vee, is nu een onmisbare oase voor allerlei dieren. Zonder dit soort stilstaande watertjes zouden amfibieën en libellen hier niet kunnen overleven: door de ontwatering van ‘woeste’ gronden is hun oorspronkelijke leefgebied grotendeels verdwenen.
Ook zwaluwen en vleermuizen profiteren van de poel: ze jagen op de muggen die boven het water dansen. Andere dieren gebruiken de oever als drink- en wasplaats. Langs de rand groeien gele lis, drijvend fonteinkruid en pijlkruid – met beschutting en voedsel zorgen zij voor een rijk onderwaterleven.
Kleine landschapselementen als deze poel maken echt verschil. Om de natuur van Huis ter Heide te versterken heeft Natuurmonumenten in de afgelopen vijftig jaar tientallen van deze poelen aangelegd.
3. Lijkend op de acacia
Je laat het open landschap achter je en wandelt een laan in met robinia’s: karakteristieke bomen die lijken op acacia maar het niet zijn – precies wat de naam ‘Robinia pseudoacacia’ betekent. Brabantse boeren gebruikten deze boom vroeger vaak als weipaal. Het uitzonderlijk harde hout rot nauwelijks en is zelfs sterker dan eikenhout.
Kenmerkend zijn de stammen die met de jaren steeds diepere groeven krijgen en de takken met scherpe stekels. Aan het begin van de zomer bloeit de boom uitbundig: grote, hangende trossen witte vlinderbloemen verspreiden dan een zoete geur en trekken volop insecten aan. Je wandelt hier door een zoemende tunnel waar bijen en andere nectarzoekers druk aan het werk zijn.