Deze afwisselende wandelroute vanaf de Roestelberg bij Kaatsheuvel voert je door stuifzand, heide en bos. Een deel van de route gaat door mul zand en is daardoor niet geschikt voor kinderwagens en rolstoelen. De route van 5,5 kilometer is gemarkeerd met gele pijltjes.
Op de stuifzandvlakte van de Loonse en Drunense Duinen kom je tot rust én voel je de kracht van wind en zand. Onderweg ontdek je bovendien de stille sporen van een explosief verleden.
Na het wandelen kun je neerstrijken bij restaurant De Roestelberg, een fijne plek om na te genieten van je wandeling.
Je begint de wandeling meteen met een korte klim. Boven op de randwal voel je het losse zand onder je voeten – een eerste kennismaking met het stuifzand van de Loonse en Drunense Duinen. Dit is één van de grootste nog levende stuifzandgebieden van Europa, een landschap dat voortdurend in beweging is.
Deze hoge wal is door invloed van de mens ontstaan. Middeleeuwse boeren plantten hier rijen eiken om hun akkers te beschermen tegen het oprukkende zand. De bomen werkten als natuurlijke zandvangers: jaar na jaar hoopte het stuifzand zich op, tot alleen de boomkronen nog zichtbaar waren. Die oude eiken staan er nog steeds en vertellen het verhaal van een eeuwenlange strijd tussen wind, zand en mens.
Tip: trek bij lekker weer je schoenen uit en voel het zand tussen je tenen. Dit is dé plek om het Sahara‑gevoel te ervaren.
2. Ruimte voor de wind
De heide die je net bent overgestoken, zag er tot 2013 heel anders uit. Hier stond dicht bos, ooit aangeplant op de heide. Dit bos hield de westenwind tegen – juist de wind die het stuifzand van de Loonse en Drunense Duinen in beweging houdt.
Doordat de wind werd afgeremd, verstuifde het zand op de grote vlakte twee kilometer verderop steeds minder. En stilstaand zand groeit snel dicht met gras en jonge bomen: het unieke stuifzandlandschap dreigde langzaam te verdwijnen.
Daarom is hier in 2013 een ‘windtunnel’ gemaakt: een strook bos werd verwijderd, de wind kreeg weer vrij spel en de heide keerde terug. Wat je nu ziet, is een landschap dat weer beweegt. Wind en zand vormen hier een steeds veranderend mozaïek van heide, stuifzand en mostapijten.
3. Gevarieerd bos
Dit bos begon ooit begon als productiebos. De dennen die je ziet, zijn destijds op voormalige heide geplant voor de houtproductie – iets wat op veel plekken in Nederland gebeurde. Door het werk van Natuurmonumenten groeit dit bos langzaam uit tot een rijk natuurbos; een gevarieerd leefgebied voor allerlei dieren. Tussen de naaldbomen krijgen struiken en loofbomen de ruimte. Zo ontstaat een gelaagd bos: met kruiden op de bodem, jonge boompjes en hoge kronen. Open plekken laten zonlicht binnen, waardoor de bodem opwarmt en bloemen, vlinders en andere insecten terugkeren. Ook oude en dode bomen laten we bewust staan of liggen: ze zijn onmisbaar voor insecten, en daarmee weer voor vogels en kleine zoogdieren. Een luxe buffet voor de natuur.
Je wandelt hier door een bos dat in zijn eigen tempo groeit en langzaam - in tientallen jaren - steeds sterker wordt.