Op het weiland aan je rechterhand zie je drie bomen staan: fladderiepen. Deze iepen vormen met andere kleine groepjes een soort 'parelsnoer' door het landschap. Onderweg komen we nog een paar van die groepjes tegen. De bomen zijn geplaatst voor de zeldzame iepenpage die hier voorkomt. De vlinder leeft namelijk alleen op iepen. En door de iepenziekte zijn er vele bomen in Nederland verdwenen. De iepenpage vliegt vooral hoog in de bomen. Dus niet alleen vanwege zijn zeldzaamheid, maar ook om die reden leeft de iepenpage een nogal verborgen bestaan. Voor nectar vliegt de vlinder wel lager, naar planten in de bloemrijke stroken in de buurt van de fladderiepen.
Loop links van het welkomstbord het paadje in, parallel aan de toegangsweg. Met dit pad start je wandeltocht over landgoed Terworm.
2. Van oud naar nieuw
Hier kun je goed zien dat je op de overgang staat van nieuw (aangelegd) bos naar ouder bos. Vanaf hier dalen we de heuvel af, het Geleenbeekdal in.
3. De Geleenbeek
De Geleenbeek dankt zijn naam aan zijn latijnse naam Glana, dat "heldere beek" betekent. In de jaren 50 van de vorige eeuw was daar echter geen sprake van! De mijnen gebruikten deze beek namelijk om afvalwater van het kolen wassen te lozen. Reden genoeg om de beek toen deels te kanaliseren, zodat men snel van dit stinkend water verlost was.
Natuurherstel Geleenbeekdal
Vanaf 2006 werken Natuurmonumenten, Waterschap Roer en Overmaas en Provincie Limburg aan het herstel van het beeklandschap. Onder andere door de beek weer zo zuiver mogelijk te maken en meer ruimte te geven. Ook voor de omliggende broekbossen is voldoende water van goede kwaliteit van groot belang.
Over de beek
De Geleenbeek is ongeveer 37 kilometer lang, ontspringt in Benzenrade (vanaf hier ongeveer 4 kilometer oostelijker) en stroomt bij Stevensweert in de Maas. Routetip: houd voorbij de Geleenbeek rechts aan.