Nieuwe eilanden zorgen voor opleving van de natuur

Een belangrijk doel van Marker Wadden is om een vogelparadijs te ontwikkelen. Daarom worden er meerdere eilanden aangelegd, met natuurlijke oevers, ondiepe delen en rietmoerassen. Daar kunnen vissen paaien en waterplanten groeien. De eilanden liggen op de route van trekvogels. Die rusten hier uit en zoeken naar eten in de slikken, ondiepe plassen, kreken, geulen en tussen moerasvegetatie.

Visdief

Vanaf het moment dat het eerste land boven water kwam zijn de onderzoekers verrast door de explosie van leven in dit geheel nieuwe ecosysteem.

Pioniervogels doen het goed op Marker Wadden

De eerste vogels die naar de kale zandgronden van Marker Wadden komen zijn de zogenaamde ‘pioniervogels’, zoals de visdief en de kluut. Zij broeden graag op kale gronden. Terwijl de machines nog volop aan het werk waren, zaten deze vogels al te broeden in de bermen van de paden.

Ecologen Jan van der Winden en Camilla Dreef brengen alle soorten en aantallen broedvogels op Marker Wadden in kaart. De klutenpopulatie op Marker Wadden bedraagt ongeveer zeven procent van de landelijke populatie. De eilanden vormen bovendien een betrekkelijk veilige haven voor de kluut. Behalve enkele grote meeuwen en af en toe een slechtvalk zijn er op Marker Wadden geen rovers als vossen en ratten.

Bekijk de resultaten van het onderzoek

Nog veel meer vogels

Marker Wadden is inmiddels ook een belangrijke tussenstop voor vele trekvogels en overwinteraars. Zoals de sneeuwgorzen in de winter en de vele grutto’s  en zwarte sterns op weg naar hun broedgebieden. Duizenden oeverzwaluwen hebben Marker Wadden ontdekt als restaurant en enkele zijn ook gaan broeden in de zandranden. Dat duidt erop dat er voldoende voedsel te vinden is op en tussen de eilanden.

De toegenomen vegetatie in het jonge landschap trekt meer soorten en grotere aantallen watervogels. In de velden met moerasandijvie kunnen ze gemakkelijker beschutting vinden en de luwte achter de eilanden is belangrijk voor deze eendensoorten, om uit te rusten. Met de ontwikkeling van het riet komen er ook meer rietvogels broeden, zoals de gele kwikstaart, de baardman en de rietgors. Ook van de kleine karekiet, een liefhebber van riet, zijn broedparen waargenomen. Er worden duizenden vogelsoorten geteld, zeker op piekmomenten in de vogeltrek.

Grote verrassingen

Voor de allereerste keer in Nederland heeft in 2019 een paartje ijseenden op Marker Wadden gebroed. Normaal broeden ze op de toendra’s van het noordelijk halfrond, in zowel Noord-Amerika als Eurazië. In 2020 broedde er zelfs een lachstern op Marker Wadden. Daarvan is sinds 1958 maar 1 broedgeval in Nederland waargenomen. Dat betekent dat er op Marker Wadden voldoende voedsel is voor deze ernstig bedreigde vogel. De lachstern vangt insecten in de lucht of pikt ze van de bodem, tussen planten of het wateroppervlak.

Bekijk het rapport over broedvogels en pleisteraars

Explosie van leven op Marker Wadden

De ontwikkeling van een nieuwe voedselketen gaat heel snel op en tussen deze nieuwe eilanden. Door de diversiteit van Marker Wadden, met land-waterovergangen, ondiep water, slibvelden en ook dieper water, ontstaat veel variatie en een hoge biodiversiteit.

De bodem van de slibvelden zit vol met voedingsstoffen: daar begint het nieuwe leven. In het ondiepe water komen veel muggenlarven tot ontwikkeling. En het water zit ook vol ander leven. Er komen veel algen tot ontwikkeling – van goede kwaliteit – net als het zoöplankton (in water zwevende of drijvende diertjes). Ook leven er veel watervlooien. Allemaal belangrijk voedsel voor vissen en vogels.

Naast vele soorten insecten, spinnen en vlinders zijn op Marker Wadden ook bijzondere keversoorten gezien, zoals de snelle priemkever en de zilveren priemkever. Ze leven in grote aantallen in de dynamische, zandige oevers. Deze snelle en goede vliegers gaan wereldwijd in aantal achteruit. Ook springstaarten werden in grote aantallen gezien; zij komen normaal voor in Nederlandse zeekustgebieden.

De visonderzoekers hebben al meer dan 20 verschillende soorten vissen gezien. Zoals de houting, de alver en de giebel. Het meest voorkomend zijn de grondelsoorten, de Pontische stroomgrondel en de zwartbekgrondel. Ook zijn er heel veel aasgarnalen. De ondieptes ontwikkelen zich als belangrijke paaigebieden voor vissen, zoals de blankvoorn, winde, baars en pos.

Marker Wadden geven een enorme stimulans aan het herstel van de basis van het voedselweb onder en boven water. Zelfs de eerste vleermuizen zijn al waargenomen. Het onderzoek naar soorten gaat door.

logo