Ga direct naar inhoud

Een ochtend vol verrassingen tijdens het waterpeilen op de Sprengenberg

Jacques Dijkman peilt al jaren samen met Els Jelsma de waterstanden op de Sprengenberg. Hij neemt ons mee in zijn werk, tijdens een ogenschijnlijk gewone donderdagochtend in augustus ..... Jacques vertelt 'Het gebeurt bijna nooit dat we niet iets speciaals meemaken op zo'n ochtend. Het verslag is daarom heel illustratief voor een peilochtend op de Sprengenberg'.

zandhagedis

Geen nachtvlinder te bekennen

Bij aankomst 's ochtends staat er buiten een “Nachtvlinder Led Emmer” om vlinders mee te lokken. Ecoloog Jesse plaatste de dag ervoor de emmer. In de emmer zit een lamp die de hele nacht brandt. De komende tijd worden er op deze plek nachtvlinders geteld. Het tellen van de vlinders gebeurt minimaal zes keer tussen april en november. Rond negen uur wordt de emmer geopend. Zou er een nachtpauwoog in zitten? Helaas zitten er geen vlinders in. Volgende week een nieuwe poging.

De hei op

We gaan de hei op. Op een hellend zandpad vliegen graafbijtjes af en aan over het zand. Het zijn heidezandbijtjes, die gebonden zijn aan de struikheide waar ze stuifmeel verzamelen. Dat stuifmeel is voedsel voor de larven. In het zand op het pad zitten allemaal gaatjes. De ingangen voor de ondergrondse nestjes. 

Bijenwolven

Tussen de zandbijtjes vliegen graafwespen, bijenwolven. Bijenwolven zijn gek op de heidezandbijtjes. We zien een bijenwolf die een heidezandbijtje te pakken heeft. De bijenwolf verlamt het zandbijtje en zal het daarna in een zandholletje leggen. De bijenwolf legt vervolgens een eitje op het nog levende zandbijtje. Omdat de bij door de steek van de bijenwolf wel verlamd, maar niet dood is, blijft zij vers en vormt een goed houdbare voorraad. Uit een gelegd eitje komt na ongeveer 3 dagen een larve, die gewoonlijk binnen een week alle in het zandholletje aanwezige zandbijtjes opeet. Daarna gaat de larve een rustfase in, die duurt tot het volgende voorjaar. Uiteindelijk zal die larve zich verpoppen en komt de bijenwolf naar buiten, meestal begin juni. Daarmee is de levenscyclus van de bijenwolf rond.

Snelle zandhagedissen en zeldzame beenbreek

En dan schiet de ene zandhagedis na de andere tussen de heide door. Vooral het fotogenieke mannetje van de zandhagedis met zijn groene flanken is schitterend om te zien. De kwetsbare zandhagedis is beschermd. Een paar prachtige heidelibellen vliegen voorbij. We lopen naar het Hellinghoogveentje. Dat is een uniek, mineraalrijk en zeldzaam gebiedje. Vroeger was dit een nat heidegebied. Door de hoeveelheid stikstof in de lucht heeft het veel te lijden. Er staan veel pijpenstrootjes. Er staan hier nog wel een aantal zeldzame planten. Zo heeft de zeer zeldzame beenbreek al een mooie oranjerode kleur gekregen. Dat zijn de doosvruchten van de plant. Jesse wijst ons op de zeldzame ronde zonnedauw. De zonnedauw staat nu in bloei. Ze hebben mooie witte bloemetjes. We zien ook de kleine zonnedauw, maar die is niet zeldzaam. Het gebied kent maar liefst zeven veenmossen zoals het wrattig veenmos, gewoon veenmos, rood veenmos, geoord veenmos, gewimpeld veenmos en puntmos.

Rond half tien lopen we terug naar de werkschuur. Jesse wijst ons op de nu al gevallen groene beukenblaadjes. Dat komt door de droogte. Eigenlijk passen de oude beuken van de beukenlaan niet zo goed bij het hoogveengebiedje. Beuken onttrekken veel water uit de grond. We nemen afscheid van Jesse en bedanken hem voor de korte, maar schitterende excursie.

Wij pakken de elektrokar en gaan waterpeilen. We beginnen bij het Hellinghoogveentje. Daar waren we net ook al. Het grondwaterpeil is niet of nauwelijks veranderd. Het oppervlaktewater is gezakt. Dat komt natuurlijk door de aanhoudende droogte. In het Hellinghoogveentje zien we zes zeldzame zilverenmaanvlinders. Heel mooi zijn de klokjesgentianen. Een plant die hoofdzakelijk in de maand augustus bloeit. We zien er tientallen. We genieten van de paarse heidevelden. We pauzeren even bij een roggeveld. Een roggeveld waar geen kunstmest en geen bestrijdingsmiddelen worden toegepast. Er fladderen witte vlindertjes boven het koren. Het zijn geaderde witjes. Een maand geleden stonden er tussen het nog groene koren vele korenbloemen, ganzenbloemen en een enkele bolderik. Binnenkort zal er wel geoogst worden. Na een kwartiertje rijden we weer verder. Maar dan hebben we pech. Een lekke band. We laten de elektrokar achter en lopen weer naar de werkschuur. Volgende week donderdag maken we de peilronde af. We hebben erg genoten van deze prachtige ochtend op een snikhete dag in augustus…

bijenwolfwesp

Een bijenwolfwesp

Bezoekersinformatie

Bereikbaarheid