Nieuws van de boswachter

Oranjetipje: nu volop te zien

26 april 2021 | Susanne Blommaert

Met zijn feloranje vleugelpunten past het oranjetipje helemaal in deze Koningsdag-week! Maak kennis met de vrolijk gekleurde vlinder.

Oranjetipje

Wil je het oranjetipje tegenkomen, ga dan eerst op zoek naar pinksterbloemen. Die staan nu volop in bloei, vooral in vochtig grasland. Zeker als er bomen in de buurt zijn, is er een goede kans dat je ook het vlindertje spot.

Pinksterbloemen

De pinksterbloem is een frisgroene plant die zo’n 50 cm hoog wordt. Er komen trosjes zachtlila bloempjes aan. Bekijk ze eens van dichtbij, dan zie je heel fijne lijntjes - ‘aders’ -  op de bloemen. Misschien ontdek je onder één van de bloemknoppen wel het eitje van het oranjetipje. Want de pinksterbloem is de belangrijkste ‘waardplant’ van het oranjetipje: het vrouwtje gebruikt vaak deze plant om eitjes te leggen. Ze legt precies één eitje per plant, zodat de rups alle bloemknopjes als voedsel voor zichzelf heeft.

 

Pinksterbloem

Pinksterbloem

Herken het oranjetipje

Zie je een vlinder bij pinksterbloemen, dan is het niet moeilijk om te zien of het een oranjetipje is. Dat wil zeggen: het mannetje, want hij heeft een zwart lijfje en witte vleugels met oranje vleugelpunten. Hij vliegt meestal rond op zoek naar een vrouwtje. Het vrouwtje is wat lastiger te herkennen: die mist het oranje en zit vaker op een bloem. Ze drinkt dan nectar, zodat ze voldoende energie heeft om eitjes te leggen. Doordat haar vleugels vooral wit zijn zou je haar makkelijk kunnen verwarren met bijvoorbeeld een koolwitje. Zitten oranjetipjes met de vleugels dichtgeklapt, dan lijken man en vrouw meer op elkaar. Ze hebben vrijwel hetzelfde gemarmerde patroon op de buitenkant van de vleugels, en het oranje van het mannetje schemert er slechts lichtjes doorheen.

Het oranjetipje

Het oranjetipje

Oranjetipjes met de vleugels dicht

Oranjetipjes met de vleugels dicht

Van eitje naar vlinder

Het eitje op de pinksterbloem komt tussen half mei en half juni uit. In het begin is de rups nog piepklein en eet eerst de zachte bloemknopjes. Naarmate hij groter wordt, zal hij ook de zaden en het blad van de pinksterbloem verorberen. Aan het begin van de zomer kruipt de rups naar een boom, struik of stengel om te gaan verpoppen. Hij spint draden rond een stengel of tak en dan van onder naar boven om zichzelf heen, zodat hij stevig vast zit. De rups wordt een pop en gaat zo de winter door. Het volgende voorjaar in april komt de vlinder uit de pop tevoorschijn.

Zelf oranjetipjes zien?

Bijvoorbeeld hier:

Meer vlinders in je tuin of op je balkon?

Insecten zoals vlinders hebben het moeilijk in Nederland. Natuurmonumenten zet zich in om een thuis te bieden aan deze diertjes. Jij kunt ook helpen: maak van je tuin of balkon een thuis voor insecten zoals vlinders. Kom in actie >

Susanne Blommaert
Susanne Blommaert
logo