Stikstof schadelijk voor de duinen van Schiermonnikoog
Stikstof hoort bij de natuur, maar in de duinen kan een teveel ervan grote gevolgen hebben. Zeker op een plek als Schiermonnikoog, waar veel planten juist zijn afgestemd op schaarste. Hieronder lees je hoe stikstof werkt, wat het met de duinen doet en hoe we de veranderingen in de gaten houden.

Wat is stikstof eigenlijk?
Planten hebben stikstof nodig om te kunnen groeien. Toch is een teveel ervan slecht voor de natuur. Dat komt doordat we meestal niet praten over het stikstofgas waar 80% van onze lucht uit bestaat, maar over stikstofverbindingen: ammoniak (uit mest en urine van dieren) en stikstofoxiden (uit verkeer en industrie). Deze verbindingen werken als meststoffen voor planten. Hierdoor groeien duinen steeds verder dicht met gras, struiken en bomen.
Wat doet teveel stikstof met de duinen?
In de duinen van Schiermonnikoog komen van nature maar weinig voedingsstoffen voor. De planten die er groeien, zoals orchideeën en zonnedauw zijn echte specialisten in het overleven op voedselarme grond. Door de intensivering in de landbouw en de toename van verkeer en industrie zitten er nu veel meer stikstofverbindingen in de lucht dan honderd jaar geleden. De stoffen landen in de duinen. De specialisten van voedselarme grond raken hun voordeel kwijt en worden verdrongen door veel sterkere soorten zoals bramen, brandnetels en berken. Bacteriën zetten de stikstofverbindingen in de bodem bovendien om in slapeterzuur. Dit zuur lost de kalk in de bodem op. Dat is ongunstig voor planten die van kalk houden, maar ook voor vogels, die hierdoor eieren met een veel te dunne schaal leggen.
Meten van stikstof op Schiermonnikoog
Het RIVM meet in heel Nederland de hoeveelheid ammoniak in de lucht, en Schiermonnikoog hoort bij dat meetnet. De concentraties zijn het hoogst in de duinen die grenzen aan de polder, terwijl de Westerduinen juist lage waarden laten zien. De hoeveelheid ammoniak wisselt sterk per jaar door regen en windrichting. Regen zorgt ervoor dat ammoniak eerder neerslaat, waardoor minder bij de duinen terechtkomt. Door deze variaties is het lastig om nu al het effect van een kleinere veestapel in de polder te zien. De komende jaren moet dat duidelijker worden. Alle meetgegevens staan op: https://man.rivm.nl










