Wandelen

Trekvogelroute Schiermonnikoog

Wandelen

Trekvogelroute Schiermonnikoog

Het Waddengebied is een onmisbare schakel in de gehele Oost-Atlantische trekroute, die voert van
Siberië en Noordoost Canada via de Waddenzee naar de Afrikaanse westkust. Ieder voor- en najaar vliegen miljoenen trekvogels langs de Waddenzee. Na een lange vlucht landen ze graag op Schiermonnikoog om te rusten en even bij te tanken. Deze vogeltrekroute brengt je langs de beste plekken om vogels te spotten op het eiland. Het voor- en najaar zijn de beste seizoenen om vogels te kijken op Schiermonnikoog maar in de zomer en in de winter is er zeker nog genoeg te zien onderweg. Je kunt de route wandelen of van plek tot plek fietsen en op de aangegeven locatie vogels kijken.

Bezoekersinformatie

Bereikbaarheid

    Bezoekerscentrum Schiermonnikoog
  • Torenstreek 20, 9166 ZP Schiermonnikoog (FR)
  • (0519) 53 16 41
  • [email protected]
  • Parkeerplaats P1 SchiermonnikoogZeedijk, 9976 VM Lauwersoog (GR)Routebeschrijving

    Vanaf hier naar Bezoekerscentrum Schiermonnikoog: Het is niet mogelijk de auto mee te nemen naar Schiermonnikoog. Vanaf de terminal naast de parkeerplaats gaan een veerdienst en een sneldienst. Kaartverkoop veerdienst Lauwersoog Schiermonnikoog Bij aankomst op de Veerdam wacht een aansluitende bus naar het dorp. Het bezoekerscentrum bevindt zich in het dorp op een kleine 100 meter van de voet van de witte Watertoren.

    Parkeerplaats P2 SchiermonnikoogZeedijk, 9976 VM Lauwersoog (GR)Routebeschrijving

De route

 Startpunt

1Uitzicht over het Rif Schiermonnikoog

Vanaf de bank van Banck heb je een prachtig uitzicht over het Rif en kun je de vogels goed kijken zonder te verstoren. Het Rif is een gigantisch hoogwatervluchtplaats. Met hoogwater rusten er aan de randen van het Rif grote groepen scholeksters, tureluurs, wulpen, bergeenden en meeuwen. Tijdens de voorjaars- (half april – begin juni) en de najaarstrek (eind juli – half oktober) is het het drukste op het Rif. Dan zijn hier vrijwel alle soorten wadvogels te zien, bijvoorbeeld: rosse grutto, zilverplevier, regenwulp, bonte strandloper, kleine strandloper, kanoet, bontbekplevier, visdief, dwergstern. Hier wachten ze tot het water wegtrekt en ze op het wad weer naar voedsel kunnen zoeken. Zoveel vogels trekken ook vogeleters aan. Het is een van de beste plekken op het eiland om de slechtvalk te zien. In de herfst en winter zijn er op deze grote vlakte met uitgebloeide kwelderplanten veel zangvogels, die niet terugschrikken voor een open, koude winderige vlakte, te zien: oeverpieper, frater, strandleeuwerik, sneeuwgors en ijsgors.

 

Het Rif
Uitzicht over het Rif Schiermonnikoog

2Westerplas

De Westerplas is de grootste zoetwaterplas op het eiland. Omdat de meeste vogels geen zeewater kunnen drinken, zit de plas altijd bomvol vogels. De beste plek om de vogels te zien is de vogelkijkhut, maar ook vanaf het groene dijkje aan de noordoostkant van de plas kun je goed vogels kijken. In het voorjaar broeden rondom de plas lepelaars, aalscholvers en grauwe ganzen. In het riet en de wilgen broeden onder meer bruine kiekendief, rietzanger, blauwborst, waterral en diverse soorten eenden. In de nazomer zitten er vaak tientallen kleine zilverreigers in de wilgen tegenover de kijkhut. Voor eenden zijn herfst en winter de beste tijden. Je kan dan met een beetje geluk tien soorten eenden op de plas zien zwemmen: wintertaling, pijlstaart, smient, krakeend, wilde eend, slobeend, tafeleend, kuifeend, brilduiker en bergeend.

Lepelaar bij de Westerplas
Westerplas

3Baai op het westerstrand

Het strand is enorm veranderlijk. Soms ontstaat er een leuk vogelgebied, dat door veranderende zeestromingen een paar jaar later weer kan zijn opgeruimd. Nu is er tussen paal 2 en paal 3 een brede ondiepe baai ontstaan op het Westerstrand. Als het niet de druk is met mensen op het strand, zitten hier vaak veel vogels. In de winter zie je hier eider, brilduiker en middelste zaagbek. In de zomer zoeken hier lepelaars naar voedsel. Op de oevers lopen drieteenstrandloper, bonte strandloper, bontbekplevier en strandplevier rond. In de nazomer zitten hier vaak groepen van tientallen grote sterns.

 

Strandleeuwerik op het westerstrand
Baai op het westerstrand

4De Hertenbosvallei

De afwisseling van stuifduinen, duinvalleien, dicht struikgewas en jonge berkenbosjes zorgen voor veel soorten zangvogels. In het voorjaar geven nachtegaal, kneu, zwartkop, sprinkhaanzanger, braamsluiper, grasmus, fitis en roodborsttapuit hier een voorjaarsconcert. In de herfst zitten de struiken vol koperwieken die zich tegoed doen aan meidoornbessen. Ook voor beflijster, kramsvogel en keep zijn de struiken van de Hertenbosvallei in het najaar een goede plek. In de winter is het stil, al kan er soms een blauwe kiekendief door de duinen jagen.

 

Koperwiek in meidoorn
De Hertenbosvallei

5Zeetrekpost paal 5

Op het strand bij paal 5 zijn de afgelopen jaren hoge duinen ontstaan. Ook loopt er vlak voor de kust een diepe geul. Dit maakt het strand bij paal 5 een ideale plek om zeevogels te bekijken. Vanaf de duintop heb je goed overzicht. Nadeel is alleen dat zeevogels vooral te zien zijn met rotweer: met harde noordwestenwind worden ze naar de kust geblazen. De beste periode is augustus – november. Alle soorten zeevogels zijn hier te verwachten, maar veel hiervan zijn zeldzaam. De kansen op roodkeelduiker, jan van gent, drieteenmeeuw, noordse stormvogel, kleine en grote jager, zeekoet en zwarte zee-eend is redelijk. En anders trippelen er altijd wel wat gezellige drieteenstandlopers in de branding.

Vogels kijken bij paal 5
Zeetrekpost paal 5

6De Berkenplas

Op mooie zomerdagen is hier geen vogel te zien. De Berkenplas zit dan vooral vol met mensen. Als het rustig is kun je hier wel leuk vogels kijken. Op het water zwemmen dan kuifeenden. Op het strand lopen in voor- en najaar oeverloper en grote gele kwikstaart. Vanaf het terras van de Berkenplas kun je in de dennen soms kruisbekken of grote bonte spechten zien. Ook is er een grote kans op gekraagde roodstaart en kleine barmsijs.

 

Grote bonte specht
De Berkenplas

7De Banckspolder

Van half september tot eind mei zit de polder vol ganzen. De brandgans is de meest talrijke soort (tot wel 25.000 vogels), maar ook rotgans en grauwe gans zijn moeilijk te missen. Het is de moeite waard om de groepen ganzen af te speuren naar andere soorten, zoals toendrarietgans, kolgans en roodhalsgans. In voor- en najaar verzamelen grote groepen goudplevieren in de polder. De Bancks Polder is een goed weidevogelgebied, met veel kieviten, scholeksters, grutto’s en tureluurs. 

Roodhalsgans
De Banckspolder

8De Kobbeduinen

In het najaar trekken de bomen bij de Kobbeduinen als een magneet zangvogels aan die na een lange vlucht over de zee even komen uitrusten. In de periode eind augustus – eind oktober zitten is hier kans op veel soorten zangvogels. Gekraagde roodstaart, bonte vliegenvanger, bladkoning en goudhaan zijn hier ieder najaar te zien. In het voorjaar zingen hier nachtegaal en spotvogel. Ook kun je uitkijken over de uitgestrekte kweldervlakte. In de verte liggen kolonies lepelaars, zilvermeeuwen en kleine mantelmeeuwen. In de winter jagen hier verschillende soorten roofvogels. Je kan hier slechtvalk, smelleken, ruigpootbuizerd en velduil waarnemen.

De Kobbeduinen
De Kobbeduinen

9Brug over de Tweede Slenk

Als je naar de Kobbeduinen fietst steek je een bruggetje over. Als je net voor of net na de brug stopt kun je mooi uitkijken op de slenk. In het ondiepe water staan vaak lepelaars. Ook is het in voor- en najaar een goede plek voor zwarte ruiter en groenpootruiter. In april zie en hoor je in het water de baltsende eiders. Boven je hoofd zingt dan op dat moment ongetwijfeld een veldleeuwerik, want die zijn hier erg talrijk.

Kobbeduinen
Brug over de Tweede Slenk

10Uitwatering ten oosten van de veerdam

De veerdam steekt honderden meters het wad op. Vanaf de dam kun je met laagwater goed kijken naar voedselzoekende wadvogels. Alle soorten wadvogels zijn hier mogelijk. Zo is het een goede plek om bonte strandloper, kanoet, bontbekplevier en steenloper in actie te zien. Het is op het eiland de beste plek om de kluut te zien. Daar waar het water uit de polder het wad op stroomt zitten in de winter veel eenden. Vooral het aantal pijlstaarten is hier vaak opvallend hoog.

Tapuit
Uitwatering ten oosten van de veerdam

11De jachthaven

Op het kleine kweldertje aan de oostkant van de jachthaven verzamelen bij hoogwater verschillende soorten wadvogels. Hier wachten ze tot het water wegtrekt en ze op het wad weer naar voedsel kunnen zoeken. Vanaf de ‘terp’ waarop het jachthavencafé staat kun je de hoogwatervluchtplaats prachtig overzien. Scholeksters, tureluurs, wulpen, bergeenden en meeuwen zijn het hele jaar door te zien. Het drukst met vogels is het tijdens de voorjaars- (half april – begin juni) en de najaarstrek (eind juli – half oktober). Dan zijn hier vrijwel alle soorten wadvogels te zien, bijvoorbeeld: rosse grutto, zilverplevier, regenwulp, bonte strandloper, kleine strandloper, kanoet, bontbekplevier, visdief, dwergstern.

De jachthaven zelf is vooral in de winter interessant, met op de basaltblokken oeverpieper, steenloper en paarse strandloper en in het water brilduiker, eider en soms roodhalsfuut of kuifduiker.

Tureluur bij de jachthaven
De jachthaven
logo

Ook zo genoten van deze route? Help de natuur. Ga naar nm.nl/nieuwlid.