Column] Beestjes van De Bruin – Boomkikker
Het is bijna oktober en ecoloog Jacob de Bruin loopt aan de rand van het hoogveen. Het is warm, maar liefst 27 graden! Er zullen wel weer warmterecords sneuvelen. Als het zachtjes gaat regenen beginnen er ineens tientallen kikkers te kwekken: kè-kè-kè-kè-kè-kè! Het zijn boomkikkers. Ze lijken deze warme nazomerdagen wel prima te vinden.

Gadget
Boomkikkers hebben een hele gave gadget, namelijk zuignapjes aan hun poten. Eigenlijk zijn het teenkussentjes met microscopisch kleine, zeshoekige patronen gescheiden door smalle groeven. Loopt de kikker over een nat oppervlak dan zorgen de groeven ervoor dat het water weggedrukt wordt. De finishing touch is een dun laagje slijm wat de kikker afscheidt. De boomkikker heeft daarmee een superieure grip. Dit willen wij ook! Daarom proberen wetenschappers dit na te bootsen voor bijvoorbeeld kleine robotjes die kijkoperaties uitvoeren in onze glibberige buikwand. Of wat dacht je van autobanden met een superieure grip.
Uitgezet
Zo’n 25 jaar geleden zijn er een aantal boomkikkers uitgezet in een tuin in de omgeving van het Fochteloërveen. Inmiddels is er een grote populatie ontstaan in de grensstreek van Drenthe en Friesland. De dieren komen oorspronkelijk uit onder meer Frankrijk en Duitsland. Het illegaal uitzetten van reptielen en amfibieën is een groeiend fenomeen in Nederland. Denk aan Russische rattenslangen, oostelijke ringslang en Amerikaanse stierkikker. Sommige soorten kunnen een ecosysteem flink schaden.
De boomkikkers in het Fochteloërveen worden inmiddels als wild beschouwd. De combinatie van veel watertjes zonder vis en met struwelen en ruigte is perfect voor de boomkikker. Ze zijn bovendien volop aanwezig in de randzones van het Fochteloërveen. De boomkikkers zitten dus overal!
De boomkikker is goed beschermd en expliciet benoemd in de gedragscode natuurbeheer. Voor ons betekent dat, dat we ons beheer tussen november en januari moeten uitvoeren want dan zitten de boomkikkers in hun winterrust. Dit is echter in een veengebied ook de moeilijkste periode om het beheer uit te voeren want het is dan kletsnat. Och, wat hebben we het vaak gehad over de boomkikker aan de kantinetafel. En ik weet zeker dat er diverse collega’s wakker van hebben gelegen.

Ratelen
Stel je voor je bent 4 cm en je springt met je gave zuignapjes door het immens grote Fochteloërveen. Als je een volwassen mannetje bent je komt in maart of april uit je winterslaap dan heb je warmte nodig. Dit doe je door te zonnen op een bijvoorbeeld een braamblad. Je bent veilig door je schutkleur en de stekelige doorns van de bramenstruik. Daarna moet je op zoek naar een perfecte voortplantingsplek. Water zonder vissen en een plek die niet droogvalt in een extreem droge zomer. Je schraapt je kwaakblaas en kwaakt er ratelend op los. Zo luid dat de vrouwtjes het op grote afstand kunnen horen. Mensen horen het al op een kilometer afstand.
Kikkers zoeken
Kom je binnenkort in het veen dan maak je goede kans om nog boomkikkers te horen. Als je goed speurt zie je misschien wel ééntje zitten. Zijn ze al in winterslaap? Dan heb je volgend jaar weer een kans. Ga dan op een warme vooravond in juni op pad. Goede plekken zijn de Meester Lokstraat in de Compagnonsbossen of de Fochteloërveenweg bij de Compagnonsvelden. Blijf wel op het pad en nachtelijk bezoek is in onze terreinen niet toegestaan om rustende dieren te beschermen. Woon je in de buurt dan kun je ze werkelijk op de meest gekke plekken vinden op je erf. Zo zag vrijwilliger Tonnie Sterken er één achter de band van een cameraval.

Meer Beestjes van De Bruin?
Wil je meer columns lezen van Jacob? Ga dan naar Beestjes van De Bruin.









