Bijzonder weerzien (Blog 4)
Waar ooit duizenden grote sterns het eiland tot leven brachten, blijft het de laatste jaren stil. Toch is er onverwacht hoop: terwijl oude zekerheden verdwijnen, dienen zich nieuwe wonderen aan. Van kwetsbare dwergsterns in de vloedlijn tot een ongelooflijke ontmoeting met oude bekenden van 25 jaar geleden.

Griend sterneiland
Griend is tientallen jaren lang synoniem geweest voor ‘grote stern-eiland’. En nog elk jaar als eind april honderden grote sterns komen baltsen op het strand hopen we dat ze zich gaan vestigen. Maar na 2022 – voor grote sterns een dramatisch vogelgriepjaar – hebben ze niet meer op Griend genesteld.
Ook het aantal visdieven en noordse sterns is er de laatste jaren zo geslonken dat Griend voor hen ook geen kraamkamer meer is.
Daarom is het verrassend dat dwergsterns de laatste jaren wel in steeds groter aantal op Griend broeden. Ze zitten wel ongeveer in de vloedlijn op schelpenbanken waar ze heel gevoelig zijn voor springvloed. Maar dit jaar zijn er tientallen paren, en dan kan je verwachten dat a lucky few voor nakomelingen gaan zorgen... Zeker omdat grote meeuwen niet geïnteresseerd lijken in hun eitjes, en er bijna geen kokmeeuwen meer zijn op Griend die hun zouden kunnen beroven.

Oude bekenden
Al vaker is in de blogs genoemd dat het aflezen van pootringen van geringde vogels een activiteit is van de vogelwachten waarmee verschillen tussen individuen en groepen aan het licht. Zo baltste het visdiefmannetje met ring blauw-VFZ baltste aanvankelijk met een ongeringd vrouwtje, maar hij nestelde twee weken later met wit-51V.
Op 5 juni zitten de vogelwachters in een schuiltent bij de hoogwatervluchtplaats aan de zuidwest-kant van het eiland. Ze proberen ringen te lezen van steltlopers die zich daar verzameld hebben om te overtijen.
Uit hun verslag: ‘In 2001 waren we ook samen op het eiland en hebben toen zo’n 15 jonge scholeksters geringd die bijna vliegvlug waren. In die jaren hadden de scholeksters gemiddeld nog een redelijk broedsucces, van tussen 0,5 en 1 jong per paar. Op 5 juni ringden we een jonge scholekster aan het begin van de Haak, de 'wandelstokvormige' zanddijk aan de west- en noordkant van het eiland. Vier dagen later ringden we op diezelfde plek nog een jong, waarschijnlijk een nestgenoot.










