Ga direct naar inhoud
Nieuws

Aan het werk voor levend stuifzand in de Loonse en Drunense Duinen

14 juli 2026 | Irma de Potter

De Loonse en Drunense Duinen danken hun bijzondere karakter aan de wind. Zolang die het zand in beweging houdt, blijft het landschap dynamisch. Juist die voortdurende verandering zorgt voor een leefgebied waarin bijzondere planten en dieren kunnen voortbestaan. Maar het zand komt steeds vaker vast te liggen door algen en andere begroeiing.

tractor met Kvik machine

Steeds minder zand in verstuiving

"We zien dat steeds minder zand kan verstuiven", vertelt Thalisa van Overbeek, coördinator natuurbeheer bij Natuurmonumenten. "Het stuifzand wordt steeds vaker vastgelegd door een dun laagje algen en andere begroeiing."

Dat proces begint met planten en algen die het zand vasthouden, waardoor de wind het zand niet meer kan optillen. Vervolgens krijgen mossen, grassen en uiteindelijk heide en bos de kans om zich te vestigen. Dat is een natuurlijk proces, ook wel successie genoemd. Onder invloed van met name stikstof verloopt die successie echter veel sneller.

"We verliezen zo in rap tempo het verstuifbare zand dat dit gebied zo uniek maakt", zegt Van Overbeek. "We willen die successie vertragen en eigenlijk een stap terugzetten, zodat er weer kaal zand ontstaat dat kan stuiven. Zo behouden we de dynamiek én al het leven dat daarvan afhankelijk is."

Kvik Up machine

Kvik Up machine met links de zeven ganzenvoeten en rechts de roterende tanden die de grond met plantenmateriaal naar achter opwerpen.

Werkzaamheden voor levend stuifzand

Daarom voert Heerebeek Cultuurtechniek in juli, in opdracht van Natuurmonumenten, werkzaamheden uit om het zand weer in verstuiving te brengen. Op de grote stuifzandvlakte bij Bosch en Duin wordt de bovenste dunne laag van het stuifzand bewerkt. Dit gebeurt met een tractor die is uitgerust met een Kvik-Up-machine. Deze Deense uitvinding maakt de bovenste zandlaag machinaal los. Rijen ganzenvoeten snijden daarbij door het zand en hakken de wortels van de begroeiing in stukken. Vervolgens werpt een roterende hark het mengsel van zand en plantenresten naar achteren. Omdat het zand zwaarder is dan de plantenresten, valt het eerder terug op de bodem. De lichtere plantenresten blijven bovenop liggen, waar ze door de zon uitdrogen.

Er wordt gewerkt op de overgangen tussen het open zand naar de meer begroeide delen met o.a. buntgras en zandzegge. Bij het uitvoeren van de werkzaamheden worden ecologisch waardevolle delen ontzien, zoals holletjes van insecten en bijzondere planten zoals het zandblauwtje.

Voor dit werk is warm en kurkdroog weer belangrijk. De losgemaakte plantendelen en algen drogen dan direct uit in de zon, waardoor ze minder snel opnieuw het zand vastleggen.

"De wind is onze belangrijkste bondgenoot", zegt Van Overbeek. "Daarom zorgen we ook dat de heide niet dichtgroeit met bomen die de wind afremmen.

Zandblauwtje

Zandblauwtje

Extra maatregelen met bijdrage van Provincie Noord-Brabant

De Loonse en Drunense Duinen behoren tot het Europese Natura 2000-netwerk vanwege de bijzondere planten- en diersoorten die er leven. Via het Programma Natuur stelt de Provincie Noord-Brabant middelen beschikbaar voor het herstel van stikstofgevoelige natuur. Dankzij die bijdrage kunnen extra maatregelen worden uitgevoerd om het stuivende landschap en de unieke natuur van de duinen te behouden.

 

logo
Irma de Potter
Irma de Potter