Stervende beukenlanen op Plantloon in de Loonse en Drunense Duinen
Op landgoed Plantloon, in het noorden van de Loonse en Drunense Duinen, zijn meerdere beukenlanen aan het afsterven. Monumentale lanen bepalen het karakter van het landgoed en Natuurmonumenten zet dan ook in op het behoud van deze waardevolle structuren. Voor de veiligheid van wandelaars wordt nu flink gesnoeid.

Afwisseling droogte en nattigheid fataal
De afgelopen jaren zijn de beuken sterk verzwakt door opeenvolgende periodes van extreme droogte, gevolgd door twee zeer natte seizoenen. Deze grillige weersomstandigheden hebben het wortelstelsel en de vitaliteit van de bomen aangetast. “Beuken kunnen heel slecht tegen deze snelle afwisseling van droogte en langdurige nattigheid”, zegt boswachter Cecile Gulikers van Natuurmonumenten. “Dat maakt ze gevoeliger voor schimmels, waardoor takken afbreken en de bomen uiteindelijk afsterven”. De beukenlanen die nu afsterven liggen in het zuidelijk deel van het landgoed, langs de Melkdijk bij de Achterste Hoeve en bij de Visweide. Veel andere lanen op het landgoed, die zijn aangeplant met eiken en lindebomen staan er beter bij. “Die zijn dus eigenlijk klimaatbestendiger”, aldus de boswachter.
Staand dood hout
In de getroffen beukenlanen zijn de meeste bomen aan het afsterven. Toch kiest Natuurmonumenten er niet voor om alles ineens te kappen en opnieuw aan te planten. “Daarvoor zijn de stervende bomen nog te waardevol voor de natuur”, zegt Cecile Gulikers. “In veel oude laanbomen zitten holtes, die gebruikt worden door vleermuizen, boommarters, uilen en andere vogels. En ook is het stervende hout belangrijk voor allerlei houtkevers en andere insecten”.
Tegen zonnebrand
Als er in de laan nog levensvatbare bomen tussen de dode beuken staan, laten we dode beuken ernaast zoveel mogelijk staan. Daarmee beschermen we de nog levende boom enigszins tegen de volle zon. Want beuken zijn heel gevoelig voor zonnebrand.
Veiligheid wandelaars voorop
De verzwakte bomen vormen momenteel door vallende takken een gevaar voor wandelaars. Naast het ecologische belang van dood staand hout, moet ook rekening worden gehouden met de veiligheid. Daarom wordt er flink gesnoeid, oftewel gekandelaberd. Door deze ingreep worden gevaarlijke takken verwijderd en wordt het risico voor wandelaars beperkt.
Hout blijft in de natuur achter
Al het vrijgekomen takhout blijft in het gebied achter. Daar zal het langzaam verteren en weer voedingsstoffen aan de bodem afgeven. “Voor wandelaars zal dat even wennen zijn, maar voor de natuur op de arme en verzuurde bodem is het een welkome aanvulling van mineralen”, legt Gulikers uit. “Ook allerlei dieren profiteren van de stapels takken. Het zijn perfecte plekken om te nestelen en te schuilen”.

Tijdens de snoeiwerkzaamheden om valtakken te voorkomen werd het pad tijdelijk afgezet.
Toekomst van de lanenstructuur
Natuurmonumenten zet ook voor de toekomst in op het behoud van lanen, maar beraadt zich nu wel hoe om te gaan met de plots afstervende lanen. “We kunnen deze stervende bomen door de snoeiactie nog een aantal jaren behouden, maar zullen uiteindelijk overgaan tot herplanting van bomen”, zegt Gulikers. “Hoe we dat doen - geleidelijk of de hele laan in één keer - en met welke soorten, daarover beraden we ons nog. Met een gefaseerde aanpak willen we in ieder geval de veiligheid, de natuurwaarden en het historische karakter zoveel mogelijk recht doen.
Wandelroute cultuurhistorisch Plantloon
Wil je zelf eens gaan kijken bij de lanen die zijn gesnoeid? Wandel dan de rood gemarkeerde wandelroute Cultuurhistorisch Plantloon











