Ga direct naar inhoud
Nieuws

Een gelukkig 'ongelukje'

08 juli 2026 | Ankie Bosch

Soms pakt een maatregel om de natuur te helpen net even anders uit dan van tevoren was bedacht. In het Geuldal inspireert een onbedoeld orchideeënparadijs tot nieuwe maatregelen. Boswachter Guido Franck over vroedmeesterpadden, verbindingszones en hoe de natuur je altijd weer verrast.

Bijenorchis

Versnippering

Een van de problemen waar de natuur mee kampt, is versnippering. Natuurgebieden zijn in Nederland relatief klein en ze liggen vaak geïsoleerd. Planten en dieren komen daardoor sneller in de problemen als er bijvoorbeeld te weinig water of voedsel is. Daarom zet Natuurmonumenten zich al jaren in voor meer verbindingen, vertelt boswachter Guido. “Als natuurgebieden met elkaar verbonden zijn, kunnen dieren bijvoorbeeld een ander plekje opzoeken als ze geen voedsel vinden. Ook planten kunnen zich makkelijker verspreiden. Daardoor hebben ze meer kansen om te overleven.”

Stapstenen

Om natuurgebieden met elkaar te verbinden, maken natuurbeheerders vaak gebruik van zogenaamde ‘stapstenen’. Dat zijn stukjes natuur die groot genoeg zijn om een tussenstop te maken, op weg van het ene naar het andere natuurgebied. Boswachter Guido: “De omstandigheden in zo’n stapsteen moeten dan wel goed zijn. Voor planten moet de bodem de juiste samenstelling hebben, en moet er precies genoeg water en zonlicht zijn. Dieren hebben bijvoorbeeld genoeg beschutting nodig. Of planten waarvan ze afhankelijk zijn.”

Groene elementen

Maar stapstenen alleen zijn niet genoeg: planten en dieren moeten die ook bereiken. Vaak gebruiken ze daarvoor bestaande groene elementen in het landschap, zoals bermen, hagen, en bosranden. Of graften, een soort begroeide traptredes op de helling. En soms legt Natuurmonumenten er speciaal een ecologische verbinding voor aan. “We onderhouden ze door er regelmatig te maaien”, vertelt boswachter Guido. “Daarmee voorkomen we dat de begroeiing te dicht wordt.”

Bijenorchis

Bijenorchis

Samenwerking

Als coördinator natuurbeheer kijkt boswachter Guido daarom altijd wat er mogelijk is, samen met ecologen en andere collega’s. Welke soorten hebben hulp nodig? Welke plekken zijn geschikt om een stapsteen te maken? Hoe komen planten en dieren daar? En kunnen we natuurgebieden nog nauwer met elkaar verbinden, bijvoorbeeld in samenwerking met andere natuurbeheerders, agrariërs of overheden? 

Vroedmeesterpad

Zo werd een paar jaar geleden, ergens in het Geuldal, een poel aangelegd. Die was bedoeld als stapsteen voor de vroedmeesterpad, een beschermde diersoort die houdt van kalkrijke omgevingen. “Die poel is eigenlijk mislukt, want er zit veel te weinig water in. Maar al na een paar jaar stond hij vol met orchideeën. Wat bleek: door het stapelmuurtje naast de poel was hier een plek ontstaan die in de zomer heel warm wordt. Kalkminnende orchideeën vinden het fantastisch!”

Tweede paradijsje

Nu wil boswachter Guido nog zo’n poel. Ook weer in het Geuldal, op een beschutte, zonnige plek met veel kalk in de bodem. Een poel zonder water: niet voor vroedmeesterpadden, maar speciaal voor orchideeën. Een klein leefgebiedje, zodat orchideeën zich makkelijker en verder kunnen verspreiden. “We halen de bovenste laag grond van de bodem, tot we op de kalk uitkomen. Dat creëert extra warmte, waardoor er een mooie biotoop ontstaat voor orchideeën en kalkgraslandsoorten als hondskruid, duifkruid en geelhartje. En dan hopen we dat dit net zo’n paradijsje wordt.”

Meer weten?

Wil je op de hoogte blijven van ontwikkelingen en actualiteiten in het Geuldal en het Noordal? Abonneer je dan op de digitale nieuwsbrief.

Logo's provincie Limburg en NextGenerationEU
Ankie Bosch