Zonnedauw in het Witteveen
Martie bezoekt het Witte Veen en legt een bijzonder stukje natuurherstel vast. Wandel mee ... Het is 31 mei 2025, een mooie dag om weer eens het Witte Veen in te gaan. Ik was er al een tijdje niet meer geweest en besloot daarom maar gewoon de uitgezette route te volgen vanaf de Haarmühle in plaats van zo maar wat door het gebied te zwerven.

Een blauwe reiger en een paar eenden
In het begin leek alles hetzelfde als altijd, tenminste als je de seizoensgebonden veranderingen even buiten beschouwing laat. Ik volg de wandeling in de richting van de wijzers van de klok; de Buurserbeek stroomt diep onder me en het eerste heideveld ligt ook al een stuk lager dan het pad. Dan door het bos naar Het Markslag en het verhoogde uitkijkpunt langs de weg. Altijd de moeite waard om even een kijkje te nemen, dat levert deze keer een blauwe reiger en een paar eenden op.
Meer water, minder te kamperen
Een eind verderop krijg ik een grote verrassing … camping De Leemkoel wordt ontmanteld. Bijna alle caravans zijn al weg; er resteren nog wat vuilnisbakken en het woonhuis staat er ook nog. Het blijkt dat het terrein is verkocht aan Natuurmonumenten, omdat het waterpeil in het Witte Veen wordt verhoogd vanwege een project voor natuurherstel; kamperen zou daardoor op deze plek niet meer mogelijk zijn.
Bemoedigend teken
De route voert verder via een lang pad door rhododendronstruiken en komt dan uit op de Bramerveldweg. Daar is de volgende verrassing voor me bereid; het terrein is afgeplagd en daardoor kijk je zomaar op de kale bodem. Zoals zo vaak is de eerste fase van natuurherstel niet erg bemoedigend, zelfs een tikkeltje troosteloos. Toch is de tweede fase al op gang gekomen, want hier en daar spruit er al iets groens uit de bruine aarde. Een ietwat bemoedigend teken!
Bewijs van natuurherstel vastleggen
Het is nog niet gedaan met de verrassingen; enkele stappen vertoont de bruine aarde schaarse min of meer rode plekken. Het blijken plantjes zonnedauw te zijn. Die ken ik wel, bijvoorbeeld van het Boetelerveld tussen Raalte en Nijverdal en van het Stelkampsveld bij Borculo. Zonnedauw wordt in Nederland niet hoger dan 10 tot 20 centimeter en hier lijken de plantjes zelfs nog kleiner. Dat is lastig fotograferen, maar dit bewijs van natuurherstel moet natuurlijk worden vastgelegd!
Ronde en lange zonnedauw
Thuisgekomen vergelijk ik de foto van deze zonnedauw met een foto die ik jaren geleden in het Boetelerveld heb gemaakt. Dan valt iets op waaraan ik helemaal geen aandacht heb besteed; de vormen van de bladeren verschillen. Mijn lievelingsplantenboek “Wat bloeit daar?”, samengesteld door D. Aichele, biedt uitkomst. Er komen in Nederland twee soorten zonnedauw voor, ronde en lange. De eerste is vrij algemeen en de tweede is nogal zeldzaam en zou je voornamelijk in Drente kunnen vinden.
En nu komt het: De zonnedauw in het Witte Veen is volgens mijn beperkte deterministische gaven de lange variant! Maar oordeel vooral zelf; hierna zie je de foto die ik in het Boetelerveld heb gemaakt.
Martie Leussink

Ronde en lange zonnedauw.










